mail of bel voor vragen 030 711 51 00

Bevoegdheden van kunstvakdocenten

Wat zijn de bevoegdheden van kunstdocenten? Aan welke bekwaamheidseisen moet een gastdocent voldoen? Welke wet- en regelgeving is van belang voor scholen die cultuureducatie op hun programma hebben? Hoe weten scholen of zij hieraan voldoen? Lees de antwoorden op deze en andere vragen.

Vakleerkrachten kunst en cultuur

Binnen het primair onderwijs is zelden een vakleerkracht werkzaam. De reguliere docent is verantwoordelijk voor het gehele onderwijs. Sommige scholen kiezen ervoor te werken met een vakleerkracht voor lichamelijke opvoeding of voor een van de kunstvakken. In het voortgezet onderwijs is een vakleerkracht de regel. 

Leraren (vast, tijdelijk)

Voor de verschillende typen onderwijs zijn verschillende onderwijswetten van kracht: Wet op het Primair Onderwijs (WPO), Wet op het Voortgezet Onderwijs (WVO), Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) en Wet op de Expertisecentra (WEC). In deze wetten zijn de bekwaamheidseisen voor leraren vastgelegd.

Om in het onderwijs te kunnen worden benoemd, moeten leraren met een ho-getuigschrift kunnen aantonen dat zij voldoen aan de bekwaamheidseisen die in de betreffende wetten genoemd worden. Is dat het geval dan mogen zij vast worden benoemd.

Leraren die nog niet (geheel) aan de bekwaamheidseisen voldoen, kunnen in bepaalde gevallen tijdelijk worden benoemd voor twee jaar. Dit betreft bijvoorbeeld zij-instromers. Verder kunnen leraren in opleiding (LIO’s) voor een periode van vijf maanden voltijd, of voor een equivalent daarvan in deeltijd, worden benoemd. Zodra deze leraren voldoen aan de bekwaamheidseisen mogen zij vast worden benoemd.

Gastdocentschappen in alle lagen van het onderwijs

De WVO en de WEB geven scholen de mogelijkheid om mensen in te schakelen die niet met een ho-getuigschrift kunnen aantonen dat zij aan de bekwaamheidseisen voldoen. Deze mensen kunnen als gastdocent voor maximaal 4 klokuren per week (gemiddeld) worden aangesteld en moeten werken onder verantwoordelijkheid van een bevoegde docent.

De WPO en de WEC bevatten geen regelgeving voor gastdocentschappen. Binnen het primair onderwijs en de expertisecentra blijft de reguliere docent volledig verantwoordelijk. Hij/zij kan uiteraard wel af en toe een gast uitnodigen in de klas.

Drie sets van bekwaamheidseisen

De bekwaamheidseisen voor leraren zijn in drie categorieën geformuleerd:

  1. Bekwaamheidseisen voor het primair onderwijs (dit omvat basisonderwijs zoals bedoeld in de WPO, speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs zoals bedoeld in de WEC). De Pabo leidt hiervoor op.
  2. Bekwaamheidseisen voor vmbo, praktijkonderwijs, de eerste drie leerjaren van havo/vwo, en educatie en beroepsonderwijs. Hbo-opleidingen voor leraren voortgezet onderwijs van de 2e graad leiden hiervoor op.
  3. Bekwaamheidseisen voor het voorbereidend hoger onderwijs (4/5 havo en 4/5/6 vwo). Universiteiten en hbo-opleidingen voor leraren voortgezet onderwijs van de 1e graad leiden hiervoor op.

In het besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel is in de artikelen 4.1 t/m 4.4 opgenomen welke vakken docenten voortgezet onderwijs in het primair onderwijs mogen verzorgen (doorgaans valt kunstonderwijs hieronder) en welke vakken leraren basisonderwijs mogen verzorgen in het praktijkonderwijs.

Kunstvakdocentenopleidingen ongegradeerd*

De kunstvakdocentenopleidingen leiden studenten op tot docenten beeldende kunst en vormgeving, dans, drama en muziek in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs, beroepsonderwijs, hoger beroepsonderwijs, volwassenenonderwijs en de buitenschoolse kunsteducatie (centra voor de kunsten en muziekscholen). Ook worden docenten opgeleid voor de vakken ckv en kunst (algemeen) in het voortgezet onderwijs.

Net als de lerarenopleiding lichamelijke opvoeding zijn de kunstvakdocentenopleidingen ongegradeerd. Met het getuigschrift moet worden aangetoond dat in een of meer vakken is voldaan aan twee sets van bekwaamheidseisen (nl. voor het gehele vo en mbo).

Toezicht en controle

Scholen worden geacht de wet- en regelgeving die op hen van toepassing is, te kennen. De inspectie van het onderwijs houdt toezicht (kwaliteits- en handhavingstoezicht).

* In het verleden waren er 1e, 2e en zelfs 3e graadsopleidingen. Iedereen die een getuigschrift van zo'n opleiding bezit, behoudt de rechten die aan dat getuigschrift waren verbonden. Deze zijn opgenomen in besluiten over bevoegdheden die vanaf 1 augustus 2006 alleen nog overgangsrechtelijk gelden. Voorbeeld van in het verleden opgeleiden: de 1e graadsopgeleide mag onderwijs verzorgen in het gehele onderwijs, de 3e graads opgeleide slechts in een beperkt deel daarvan.