Subsidies voor cultuureducatie als lapmiddel voor wat er in de basis ontbreekt

Gepubliceerd:
Deel dit artikel
Waarom is er subsidie nodig om bevoegde groepsleerkrachten bij te scholen in de kunstvakken? Biedt de pabo te weinig kennis en kunde voor deze vakken? Liesbeth Kleuver analyseert opleiding en praktijk en vraagt zich af wat er nodig is om kunstvakonderwijs structureel te verbeteren.

Sinds de invoering van CMK geef ik teamtrainingen in het PO voor het vak beeldende vorming. Ik sta voor enthousiaste schoolteams in scholen waar het gereedschap en de materialen vaak wel ergens onder een laag stof opgeborgen liggen, maar de basiskennis voor lesgeven in het vak ontbreekt. Dat is vreemd, want de leerkrachten hebben een pabodiploma op zak. En op de pabo worden volgens een goed opgezette kennisbasis eisen aan studenten gesteld. Hoe komt het dat studenten dan toch weinig beslagen ten ijs komen voor de kunstvakken?

Twee jaar geleden mocht ik invallen op een pabo. Een aantal zaken viel mij gelijk op. Nog steeds moeten studenten voor beeldende vorming zelf beeldende werkstukken maken (eigen vaardigheid), op een stageschool lesgeven (praktijk) en theoretische kennis laten zien in verslagen en tentamens, maar de eisen aan de eigen vaardigheid zijn minimaal, het aantal te geven kunstlessen heel beperkt en de theoretische verslagen topzwaar. En… pabodocenten hebben heel weinig contacturen.

Beperkt portfolio

Om in een vak les te kunnen geven moet je er zelf vaardig in zijn. Dat vinden wij vanzelfsprekend als het om rekenen en taal gaat en daarom worden deze vakken al bij de start van de studie getoetst. Ook bij de kunstvakken is het startniveau van pabostudenten zeer verschillend en afhankelijk van hun vakkenpakket op het VO of een andere vooropleiding. Waar studenten vroeger een uitgebreid portfolio met beeldende werkstukken in velerlei technieken moesten opbouwen tijdens de vakuren op de pabo (goed voorbeeld doet goed volgen!), voldoen nu enkele minimaal omschreven werkstukken. Voor veel studenten die vóór de pabo geen creatief onderwijs hebben gehad, is dat te weinig om eigen vaardigheid mee op te bouwen.

Liever Pinterest dan een methode

Als studenten lessen voor hun stageschool maken, gebruiken ze liever Pinterest dan een methode. Ze hebben geen idee van lesdoelen en de praktijkbegeleiders zetten welwillend hun handtekening onder lesverslagen met foto’s van 30 treurig eenvormige teken-knip-plak-knutsels. De praktijkbegeleider die affiniteit heeft met een kunstvak en een student echt kan begeleiden, is een uitzondering geworden.

Weinig aandacht voor didactische kennis

De didactische kennis (lesdoelen, lesopbouw, organisatie) die voorheen in alle leerjaren van de opleiding centraal stond, wordt er nu in één semester doorheen gejast. Vervolgens wordt die aangevuld met uitgebreide theoretische betogen over visies op cultuuronderwijs, leertheorieën, het belang van 21e eeuwse vaardigheden – waaronder creatief denken en probleem oplossen(!) – adaptief onderwijs en de verbinding tussen diverse vak- en vormingsgebieden. Prachtige onderwerpen, die studenten bij gebrek aan praktijkkennis amper begrijpen, zoals bleek uit de lange, maar inhoudelijk povere verslagen die ik onder ogen kreeg.

Kunstvakdocenten op de pabo doen hun stinkende best, maar als je in de eerste twee jaar van een voltijdstudie maar 10 contacturen per studiejaar hebt (en bij een deeltijdstudie maar 7) hoe moet je dan én voldoende voorbeeldlessen geven om te zorgen dat studenten eigen vaardigheden ontwikkelen én een uitgebreid theoretisch programma toegankelijk maken en verbinden met de toekomstige lespraktijk?

Paradox: digitaal kunstonderwijs noodzakelijk en onvoldoende

Gelukkig bestaan er veel digitale middelen om de zelfstudie van studenten te ondersteunen. Maar digitale middelen zijn zowel onmisbaar als onvoldoende voor goed onderwijs. Het is de vraag of studenten die zelf digitaal les hebben gekregen zich voldoende bewust zijn van deze paradox. Via online-colleges, instructiefilmpjes en PowerPoints kun je studenten niet voorbereiden op groepsdynamiek en of hen leren organiseren in de klaspraktijk. En juist deze punten zijn zo belangrijk bij kunstvakken.

Digitale methodes anticiperen op incompetente docenten. Wat docenten zelf niet kunnen of waar zij geen voorbereidingstijd voor hebben, laten ze over aan vakdocenten in instructiefilmpjes. Daarin wordt een thema volgens de meest gebruikte online methode in vijf minuten hapklaar gepresenteerd, met bijbehorende kunstvoorbeelden en een techniek voor kinderen en leerkracht. Kunstbeschouwing wordt gegeven in antwoorden, niet in vragen. Dergelijke filmpjes leiden tot eenduidige interpretaties, niet tot eigenheid en cultureel zelfbewustzijn. En het risico van de perfecte zo-doe-je-dat-filmpjes is dat die de creativiteit, waarbij een proces van onderzoeken en uitproberen hoort, eerder remmen dan stimuleren.

Dat geldt ook voor andere kunstvakken. Met een digibord meezingen en dansen lijkt leuk, maar dat bord luistert en kijkt niet, en geeft geen persoonlijke feedback. Voor groei en creatie is een echte docent nodig.

Een vaste plek voor kunstdocenten borgt kwaliteit

Zeker, ik heb respect voor schoolteams die zich laten nascholen in kunstvakken, of die af en toe vakdocenten inhuren, maar het blijft de vraag of deze subsidieafhankelijke inspanningen cultuureducatie structureel kunnen verbeteren. Een vaste plek voor kunstdocenten in een schoolteam borgt kwaliteit wel en werkt ook nog eens werkdrukverlagend voor de zwaar belaste leerkracht in het primair onderwijs.

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 4.5 / 5. totaal 62

Reageer

Uw bericht kan gewijzigd worden door de beheerder
Reacties (8)
Anouk Bijvank 26-07-2020

Coachend lesgeven : leren bij een beeldend vak, want daar kan je niet anders ! Laat kinderen zelf ideeen mogen verzinnen ! "Lopende band"werkjes zijn dat niet, daar oefen je alleen de motoriek maar niet het hoofd !

reageer
David Pluister 26-07-2020

Goed artikel Liesbeth. Helaas is er een afrekencultuur waardoor de aandacht vooral op rekenen en taal is komen te liggen. En de vraag:" Wat is het doel van deze kunstles", anders dan het maken van het knutselwerkje zoals hierboven beschreven, wordt niet gesteld. Van de 30 mogen er echt wel een aantal precies als het voorbeeld zijn, sommige kinderen vinden het allemaal erg moeilijk en het volgen van de instructiefilm is al genoeg uitdaging. Maar wat is het leuk als je kinderen, ook vierjarige, kunt uitdagen om het gebaande pad te verlaten en ze te begeleiden tot verrassend eigen werk, met eigen vormen en kleuren, maar toch passend binnen het geheel. Als dat de les is die de pabostudenten krijgen, dan doen de leerlingen de rest

reageer
Marie-Astrid Vermaas 24-07-2020

Dank je voor dit artikel, Liesbeth Kleuver! Je stipt een aantal belangrijke zaken aan: het nut, of liever de noodzaak van persoonlijke feedback door een vakkundige docent en dan met name op het proces, meer dan op het (eind)resultaat. Ik ben vooral benieuwd naar jouw visie erover, welke pedagogische en didactische kennis en vaardigheden aanvulling behoeven. Daar zou ik graag nader over doorpraten.

reageer
Titia Sprey 23-07-2020

Heel herkenbaar! In alle opzichten. Meer ruimte voor eigen inbreng en eigen ideeën van kinderen.

reageer
Annemarie Donia Nota 20-07-2020

Bedankt, dit artikel geeft precies weer wat ik zelf ook ervaar en waar ik op zoek naar vernieuwing. Ook bij de MBO in de opleiding Onderwijs Assistent waar sommige studenten doorstromen naar PABO. Graag zou ik een keer daarover in gesprek willen.

reageer
Sabine Plamper, cultuurpedagoog 19-07-2020

Bijzonder artikel! Ja, vakdocenten horen
(weer) op school een vaste plek
te krijgen, maar dan het liefst om met
kleine groepen in een atelierruimte te werken
werken en niet in overvolle klassen.
Het is in der daad een (onderschat) vak om
kinderen op creatief gebied goed te
begeleiden. Dit is echt iets heel anders dan
les geven of volgens een methode
werken.

reageer
Ali Hendriksen 16-07-2020

Goed artikel! Zelfs de bewustwording
van deze tekortkomingen komt
nauwelijks op gang in het basis-
onderwijs. Als je niet weet wat je mist,
weet je ook niet hoe je het moet vinden...

reageer
Ineke Vosman 16-07-2020

Super, Liesbeth! Je legt precies de vinger op de zere plek! Na de vakantie even contact hebben? Hartelijke groet, Ineke Vosman

reageer
Annamária Paizs 24-07-2020

Beste Liesbeth, wat ben ik blij met wat je hier schrijft! Ik ben beeldend kunstenaar/docente beeldende kunst en pleit al jaren voor docenten van creatieve vakken als vaste onderdeel van docententeams. Mijn basisonderwijs kreeg ik in de Hongarije van de '80er jaren. Muziek, beeldende kunst kreeg ik onderwezen van universitair geschoolde docenten, ze waren onderdeel van het vaste docenten-team. Ik zat niet op een elite-school. Het was standaard, haast gewoon... Schooluitjes waren geregeld naar theaters of concerten.
Met de projecten die ik mag verzorgen op basisscholen ben ik ontzettend blij en toch blijf ik vol verbazing kijken naar het feit dat in Nederland structurele creativiteitsontwikkeling aan de portemonnee van ouders wordt overgelaten. Culturele opvoeding en gelijke kansen hierin zijn zó belangrijk...

reageer
Gepubliceerd:
Deel dit artikel