Visual Thinking Strategies: vertel maar wat je ziet

Inhoudelijke terugkoppeling LKCAtelier van 11 en 18 februari
Gepubliceerd:
Deel dit artikel
Visual Thinking Strategies (VTS) is een methode in opmars. Geen wonder, want het is een laagdrempelige manier om samen over kunst te praten. Het verdiept de kijkervaring, zoals deelnemers aan het LKCAtelier zelf mochten ervaren.

‘Tachtig procent van jullie kennis beklijft niet bij jullie bezoekers.’ Philip Yenawine, hoofd educatie in het New Yorkse MoMa was diep geschokt toen Abigail Housen van Harvard University hem dat vertelde. Om te achterhalen wat er in de hoofden van mensen omgaat als ze naar kunst kijken, liet Housen hen vertellen wat ze zagen. Ze zag verschillende soorten niveaus van kunstbeschouwing, van beginner tot expert. Zo kwam ze tot haar boodschap voor Yenawine: ‘jullie educatieve programma’s sluiten niet aan bij de natuurlijke manier van kijken van de meeste bezoekers.’ Samen ontwikkelden ze een andere, laagdrempeligere aanpak: VTS.

Leren zonder kennisoverdracht

Dat was in de jaren negentig, en inmiddels krijgt VTS weerklank in steeds meer landen. Sinds 2015 ook in Nederland. ‘De kern van de werkvorm is een geleide groepsdiscussie met open vragen over een specifiek kunstwerk’, vertelt Ellie van den Bomen van VTS Nederland. De gespreksleider, een leraar of museummedewerker, bevordert leren zonder zelf kennis over te dragen. ‘Sterker, en dat is goed nieuws voor leraren in het basisonderwijs, je hoeft niet per se zelf veel kennis van kunst te hebben.’

De open vragen prikkelen om zonder oordeel waar te nemen. ‘Het gaat om samen naar betekenissen zoeken en met respect luisteren naar elkaars verhalen over een kunstwerk. Om je mening uit te stellen of bij te stellen.’ Van den Bomen somt de (mogelijke) opbrengsten van VTS op: beter waarnemen en kritisch denken, een ruimere blik, betere mondelinge taalvaardigheid en een betere sfeer in de groep doordat leerlingen leren met respect naar elkaar te luisteren. Door vaker te werken met VTS, bouwen mensen een visuele bibliotheek op waardoor ze steeds beter betekenis leren geven aan kunst.

Het VTS-gesprek in de praktijk

Omdat zelf ervaren de beste leerschool is, geeft Adelijn van Huis (VTS Nederland) een demonstratie van een VTS-gesprek. Alle deelnemers aan het atelier krijgen hetzelfde kunstwerk voorgeschoteld. Wat denken zij dat er gebeurt op de afbeelding? ‘Alle input is welkom. Indrukken van wat je ziet, kennis of herinneringen die het beeld mogelijk oproepen.’

Van Huis vat telkens ieders inbreng samen, zonder eigen oordeel. ‘Dat kan raar zijn, maar hoort bij de gesprekstechniek.’ Soms vraagt ze door, maar zonder te sturen en telkens aanhakend bij wat iemand zegt. Waaraan zie je dat het kinderen zijn? Wat zie je waardoor je zegt dat het troosteloos zou zijn? En om meer input uit te lokken: wat kunnen we nog meer ontdekken.

De verhalen van kijkers vullen elkaar aan of staan haaks op elkaar. De één ziet kinderen en de andere volwassenen, de één vindt het sprookjesachtig tafereel waar de ander een uitgeblust tafereel ziet. En is die vrouw in dat zwembadje nu zwanger? Samen denken ze na over of het licht nu van de zon of een lamp afkomstig is. ‘Er zijn wel harde schaduwen.’

Inspirerende en bruikbare werkvorm

‘Superfijn om langer de tijd te nemen om naar een kunstwerk te kijken’, zegt een van de deelnemers tijdens de nabespreking van een tweede VTS-gesprek in kleinere groepen. ‘Ik denk al snel: ik begrijp het niet. Maar als je anderen dingen hoort vertellen, kom je verder.’ Ook de neutrale houding van de gespreksleider is prettig: ‘Je hebt het gevoel dat je alles mag zeggen. En de herhaling in net iets andere woorden tilt alles op.’

De werkvorm verdiept het kijken naar een kunstwerk. Zoals iemand het mooi formuleerde: ‘Ik moest bij het kijken goed zien wat ik zag.’ Heel inspirerend en bruikbaar, was het algemene oordeel over VTS. Fijn laagdrempelig ook, dus neem de werkvorm vooral op in de ICC-cursus, klonk de aanbeveling. VTS is mooie manier om kennis te maken met kunst, maar sommigen missen een verdiepingsslag, bijvoorbeeld nadenken over wat kunst teweeg kan brengen. Die vervolgstap biedt VTS zelf niet, legt Van den Boomen uit, maar die kan je desgewenst zelf toevoegen. ‘Kunst is de aanleiding om iets te onderzoeken.’

Tips voor VTS

Kies voor VTS bij voorkeur verhalende werken die niet meteen zonneklaar zijn, dus waaraan iets te ontdekken valt. En houd rekening met de belevingswereld en het niveau van je doelgroep. Iemand suggereert voor kleuters de prentenboeken van Charlotte Dematons. Die bevatten inderdaad platen waarop veel te zien valt, maar, zo stelt Van Huis, ze zijn minder geschikt omdat ze vooral losse onderdelen bevatten. ‘Dat verstrooit de aandacht.’

Maar VTS is zonder meer te benutten bij prentenboeken, en ook bij foto’s of gedichten. Bij film en muziek is het iets lastiger, omdat die vervluchtigen in de tijd. ‘Maar je kunt mensen wel vragen wat hen bijgebleven is’, vertelt Van Huis. ‘Uiteindelijk draait VTS om een pedagogische switch: jij bent als leraar niet zelf aan het woord, maar laat leerlingen vertellen.’

Leessuggesties

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 5 / 5. totaal 2

Reageer (je reactie verschijnt na goedkeuring, vanwege spam)

Reacties (0)
Praat verder over dit onderwerp met deze expert(s):
Marian van Miert
Marian van Miert
Functie: Specialist Cultuureducatie
Expertise: cultuur- en erfgoedinstellingen,primair onderwijs
marianvanmiert@lkca.nl
030 - 711 51 45
Chantal de Bonth-Vromans
Chantal de Bonth-Vromans
Functie: Specialist Cultuureducatie
Expertise: primair onderwijs
chantaldebonth@lkca.nl
030 - 711 51 64
Bekijk alle experts
Gepubliceerd:
Deel dit artikel