Nederlands toptalent verdient beter beleid: ‘Laat zien waar je als land voor staat’
Dit is een artikel uit de Cultuurkrant, editie 39, september 2026.
Het Koninklijk Conservatorium in Den Haag viert dit jaar zijn 200-jarig bestaan. Een mooie mijlpaal, maar directeur Lies Colman maakt zich ook zorgen, blijkt uit haar opiniestuk in Trouw en op het opinieplatform Cultureel Kapitaal begin maart. ‘Muzikaal talent ontstaat niet op het conservatorium, maar ver daarvoor’, schrijft ze hierin. ‘Of het tot bloei kan komen, hangt af van toegang.’ En: ‘Zonder brede infrastructuur wordt Nederlands talent een zeldzaamheid. Het is er wel, maar wordt dan niet meer herkend, gevoed of volgehouden.’

Los zand
Erik Verbeek, zakelijk leider van talentontwikkelingsorganisatie Britten voor Jong Muziektalent, herkent Colmans zorg. ‘Of talent komt bovendrijven, hangt steeds meer af van toeval, of je ouders hebt die zelf muziek maken of op een school zit die toevallig veel aan muziekonderwijs doet. Veel talent gaat tegenwoordig verloren, omdat muzieklessen niet bereikbaar, minder zichtbaar en minder betaalbaar zijn.’
Britten biedt jonge strijkers uit Oost-Nederland de kans hun muzikale talenten te ontplooien. Ze kunnen bijvoorbeeld meespelen in het Britten Jeugd Strijkorkest, meedoen aan concoursen, masterclasses volgen en onder begeleiding trainen voor audities voor het conservatorium. De organisatie merkt dat het steeds lastiger wordt om deze jonge talenten op het spoor te komen. ‘Waar we vroeger met gemak twee auditiedagen vol kregen, is dat nu eerder een halve dag. Dat komt omdat het ecosysteem los zand is. We hadden een mooi systeem van muziekscholen, nu is het een verzameling van losse initiatieven met veel zzp’ers.’
Dat is ook de diagnose van Blueyard in het deze zomer verschenen rapport Toegang tot de top. Blueyard deed in opdracht van het ministerie van OCW onderzoek naar obstakels voor Nederlandse talenten in muziek en dans om de top te bereiken. De belangrijkste conclusie is ‘dat het ecosysteem op veel punten kwetsbaar is en in vrijwel alle fases de overgangen onder druk staan’.
Zo maken leerlingen, als het meezit, op scholen wel kennis met muziek en dans, maar hebben scholen nauwelijks oog voor talenten, laat staan dat ze die doorverwijzen naar buitenschoolse kunstlessen. De Blueyard-onderzoekers bevelen aan om die verbinding te verstevigen, ‘zodat het onderwijs niet alleen een kennismakingsplek is, maar ook een effectieve toeleider naar verdere talentontwikkeling’.
Verbeek noemt verder het belang van een goede overgang tussen kunstvakopleiding en het werkveld. ‘Dat is in Nederland niet erg ontwikkeld. In bijvoorbeeld Duitsland hebben alle grote orkesten academies waar pas afgestudeerden een aantal maanden of een jaar professionele podiumervaring kunnen opdoen.’
‘De belangrijkste conclusie is dat het ecosysteem op veel punten kwetsbaar is en in vrijwel alle fases de overgangen onder druk staan’.
Buitenlandse concurrentie
Naast slechte verbindingen binnen het ecosysteem is een ander obstakel de concurrentie uit het buitenland. Half juli berichtte de NOS dat nog maar twee op de tien studenten aan Nederlandse conservatoria ook uit Nederland komen. In twintig jaar daalde hun aandeel van 52 naar 22 procent. Dat heeft alles te maken, zo kunnen we in het rapport van Blueyard lezen, met adviezen uit 2010 van de commissie-Dijkgraaf en commissie-Veerman om in het kunstvakonderwijs in te zetten op internationalisering: lees actieve werving van buitenlands toptalent.
Tegelijkertijd waarschuwden beide commissies destijds al en later ook de Raad voor Cultuur voor verdringing van in Nederland opgegroeide talenten. Dat risico moest gepareerd worden met ‘sterke vooropleidingen’ en ‘meer aandacht voor de voedingsbodem voor talentontwikkeling’, aldus het Blueyard-rapport. De internationale werving kwam er, resulterend in steeds meer buitenlandse studenten aan vooral de conservatoria en dansacademies, maar investeringen in een stevige infrastructuur bleven achterwege.
‘Het hoge aantal buitenlandse talenten laat zien dat ons kunstvakonderwijs van hoog niveau is’, stelt Verbeek. ‘Alleen keren ook veel talenten weer terug naar hun eigen land en lekt er dus kennis en kunde weg.’
Bovendien is het wenselijk dat ook potentieel Nederlands talent kan profiteren van dat goede kunstvakonderwijs en dat kan alleen binnen een goed geolied ecosysteem. ‘Organisaties als de onze vervullen een belangrijke brugfunctie naar het kunstvakonderwijs: 70 procent van alle Nederlandse conservatoriumstudenten stroomt in via jong-talentorganisaties. Onze vraag aan de overheid: erken het belang van die brugfunctie en zorg voor structurele financiering.’
‘Onze vraag aan de overheid: erken het belang van deze belangrijke brugfunctie en zorg voor structurele financiering.’
Steviger verhaal
In het Blueyard-rapport staat het wat omfloerst, maar wat echt nodig is, is dat overheid en samenleving de publieke waarde van kunst en toptalent weer gaan omarmen. ‘Laat zien waar je als land voor staat en maak daar eens een steviger verhaal van’, stelt Verbeek. ‘Dat is in de afgelopen jaren alleen maar misgegaan door kunst te zien als een linkse of rechtse hobby. Kunst is niet iets waaraan je hoeft te verdienen, het is een waarde op zich.’
Dat is ook wat Lies Colman in haar opiniestuk bepleit: ‘Het Koninklijk Conservatorium werd in 1826 opgericht bij Koninklijk Besluit. Vanuit een duidelijke overtuiging: muziek werd gezien als essentieel onderdeel van beschaving, opvoeding en maatschappelijke ontwikkeling. Er was behoefte aan professionele muziekopleidingen, omdat men begreep dat muzikaal talent zich niet vanzelf ontwikkelt. (…) Maar het publieke mandaat dat daar ooit vanzelfsprekend bij hoorde, is langzaam verdwenen.’ Hoog tijd om dit publieke mandaat weer tot leven te wekken.
Bronnen
De overheid aan zet
Een van de conclusies uit het Blueyard-onderzoek is dat een ‘expliciete publieke regie’ ontbreekt. Het rapport bevat enkele aanbevelingen voor de Rijksoverheid:
● Versterk de zichtbaarheid en waardering van klassieke muziek en dans in onderwijs, media en publieke ruimte;
● Versterk de doorverwijsfunctie van binnen- naar buitenschools aanbod;
● Maak buitenschools muziek- en dansonderwijs toegankelijk voor alle kinderen;
● Zorg voor structurele bekostiging van DAMU-scholen (scholen waar talenten de hbo-vooropleidingen voor dans en muziek kunnen combineren met regulier onderwijs, red.) en vooropleidingen;
● Zorg samen met gemeenten en provincies voor een toegankelijk en kwalitatief goed buitenschools aanbod en talentontwikkelingsprogramma’s in het hele land en laat dit niet (alleen) aan de markt over;
● Ontwikkel een heldere visie op de gewenste balans tussen internationale topkwaliteit en nationale talentontwikkeling.
Verder lezen
- Er is een gebrekkige aanwas van Nederlandse talenten, klagen orkesten. ‘Mogelijk is dit simpelweg het gevolg van het cultuurbeleid’, stelt LKCA-onderzoeker Arno Neele. Niet voor niets kondigde het ministerie een beleidsaanpassing aan. Lees zijn opiniestuk in Cultureel Kapitaal.
- Poppodia zetten zich veel in voor cultuureducatie en talentontwikkeling, ook zonder voldoende personeel en aanvullende subsidie. Lees de Monitor poppodia en hun activiteiten voor cultuureducatie, talentontwikkeling en amateurs 2026.
- ‘Muziekeducatie vraagt om betrokken overheid.’ Lees over crossovers, marktwerking en een-op-een-contact.
- Buitenschoolse muziekeducatie is belangrijk voor een florerend muziekleven in Nederland. Hoe zorgen we dat de infrastructuur overeind blijft en wat vraagt dit van opleidingen en overheid? Drie spelers uit het veld geven hun visie.
- Simon Reinink, directeur van Het Concertgebouw, en dirigent Jaap van Zweden luiden de noodklok over de positie van Nederland in de internationale muzikale top. ‘Nederland heeft sterke muzikale positie verkwist’. Lees verder op Cultureel Kapitaal.
- Onderzoekers Luud Goossens, Arno Neele en Wim Burggraaf leggen uitkomsten van Nederlands onderzoek van de afgelopen tien jaar naast elkaar en trekken conclusies. Wat valt op? ‘Er wordt nauwelijks onderzoek gedaan naar talentontwikkeling’. Lees verder op Cultureel Kapitaal.
Reageer (je reactie verschijnt na goedkeuring, vanwege spam)