Hoe ontwikkel je goed scholingsaanbod voor leraren over cultuuronderwijs?

Cultureel Kapitaal
Gepubliceerd:
Deel dit artikel

Leraren trainen om goed cultuuronderwijs te geven. Met dat doel startte in 2015 de Kunstgebouw|Academie in Zuid-Holland. Er werden vele workshops en cursussen ontwikkeld. Alsmaar meer en meer, totdat het aanbod een vergaarbak zonder duidelijke focus was geworden en het hoog tijd werd om de bakens te verzetten. Geertruida Huisman vertelt hoe ze dat aanpakten.

Foto: Rick Keus | Kunstgebouw

Begin met de basis en ga dan sorteren

Wij geloven dat goed cultuuronderwijs begint met een duidelijke visie en bestaat uit kunst maken, kunst kijken en erfgoed beleven. Dat is de kapstok voor het  scholingsaanbod; daarmee namen we het bestaande aanbod onder de loep. Wat sloeg de afgelopen jaren aan en wat niet? En wat ontbrak er nog? Wij schrapten de helft van de workshops en cursussen (kill your darlings!) en ontwikkelden een verdieping voor het populairste aanbod.

Zet de behoefte van de basisscholen centraal

De behoefte van basisscholen in onze regio staat voorop. Hoe kunnen wij ze het beste ondersteunen bij cultuuronderwijs in de klas? Waar worden ze enthousiast van? En wat zijn de struikelblokken voor leerkrachten om zich te verdiepen in cultuuronderwijs?

Creëer beknopt en inspirerend aanbod

Dit is een inkoppertje: leraren hebben het druk. Erg druk. Cultuuronderwijs kan daardoor voelen als iets wat er óók nog bij moet, naast de reguliere lessen, het leerlingvolgsysteem, cursussen over hoogbegaafdheid en vergaderingen. Er is behoefte aan beknopt en inspirerend aanbod. We zien een duidelijke voorkeur voor workshops die 1 – 1,5 uur duren. Kort en krachtig na een dag voor de klas of als onderdeel van een studiedag.

Voorbeeld. De Kunstgebouw|Academie had samen met Inholland Academy een vervolgcursus ontwikkeld voor de cursus Interne Cultuurcoördinator (ICC). Een gat in de markt! Of toch niet? De cursus van vier bijeenkomsten is nooit afgenomen, hoewel we merkten dat icc’ers wel degelijk behoefte hebben aan verdieping en extra handvatten. De tijdsinvestering bleek een probleem. De oplossing? Masterclasses voor icc’ers die elk 1,5 uur duren. Met onderwerpen uit de cursus, maar dan in losse bijeenkomsten die onafhankelijk van elkaar kunnen worden afgenomen. Direct na de communicatie van het nieuwe aanbod werd de eerste masterclass aangevraagd.

Organiseer vervolgaanbod en maatwerk

In een korte workshop kun je slechts beperkte inhoud kwijt. Daarom brachten we lagen aan in het aanbod: kennismaken – verdiepen – vasthouden. Leraren maken in een workshop van één tot anderhalf uur kennis met een onderwerp. Zij worden echt gemotiveerd als ze het geleerde meteen kunnen toepassen in de klas. Het gebeurt dan ook regelmatig dat er een vervolg komt op de kennismakingsworkshop. Dat kan in de vorm van een verdiepingsworkshop, een kennismakingsworkshop over een ander onderwerp, of zelfs een volledige cursus. Ook bieden we maatwerk. Dan passen we vorm en inhoud aan en maken die bijvoorbeeld korter, of specifiek toegespitst op thematisch werken.

Regel coaching on the job

Een interessante ontwikkeling is de scholingsvorm co-teaching: coaching on the job. Kunstvakdocenten komen onder lestijd bij de leerkracht in de klas om (samen) een les te geven met als doel: leerkrachten meer handvatten en zelfvertrouwen geven tijdens de kunstlessen. Deze vorm van scholing kost de leraar relatief weinig tijd, omdat die tijdens een reguliere les plaatsvindt. Ook uit onderzoek blijkt dat co-teaching een effectieve manier van professionaliseren is.

Werk met laagdrempelige methodes

Lang niet alle leraren voelen zich bekwaam genoeg om een muziekles te geven of om met leerlingen te praten over een dansvoorstelling. Ze hebben tenslotte geen kunstgeschiedenis/theater/muziek/… gestudeerd. Dat hoeft ook niet. Daar zijn kunstvakdocenten voor opgeleid. Tegelijkertijd kan een leraar wel degelijk zelf een goede kunstles geven. Leraren zijn juist op pedagogisch-didactisch gebied ervaren, ze zijn goed in onderwijzen. Daar haken we bij aan.

We introduceren laagdrempelige methodes, tools en werkvormen die leraren direct kunnen toepassen in de klas. Bijvoorbeeld:

  • Met de interactieve methode Visual Thinking Strategies kan een leraar een beeldend kunstwerk bespreken met leerlingen zonder dat het nodig is dat hij kennis heeft over het werk en de kunstenaar.
  • Met de Cultuur|Connector kunnen leerkrachten cultuuraanbod verbinden met andere lessen op school.
  • Via het denkkader procesgerichte didactiek ontdekken leerkrachten hoe ze creativiteit kunnen ontwikkelen bij kinderen. Niet het eindproduct staat centraal – met als resultaat 30 keer dezelfde tekening van een huis – maar het creatieve proces. Door leerlingen te inspireren met uiteenlopende voorbeelden en ze te laten experimenteren met vormen, kleuren en materialen, ontstaan 30 unieke huizen.

We maken altijd een vertaling naar de praktijk. Leerkrachten kunnen er vervolgens zelf mee aan de slag in de klas. Je leert immers het meest wanneer je het geleerde zelf weer overbrengt op anderen.

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 4.3 / 5. totaal 11

Reageer

Uw bericht kan gewijzigd worden door de beheerder
Reacties (0)