Middagsessie 7 - De MBO-kaart – presentatie

Hoe kan cultuuronderwijs beter verankerd worden in het beroepsonderwijs? Per ingang van 1 januari 2016 is de mbo-card geïntroduceerd. De mbo-card is een initiatief van CJP, in samenwerking met Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) en wordt ondersteund door het ministerie van OCW.

De eerste stap om het cultuuronderwijs beter te implementeren in het beroepsonderwijs is gezet.  De mbo-card is geldig van 1 januari en 31 december en kan door iedere mbo-instelling worden aangevraagd.  Mbo-studenten kunnen na school met korting naar muziek, theater, film, festivals of dansvoorstellingen of naar musea. 

Binnen deze sessie besteedde Walter Groenen, directeur van CJP, aandacht aan drie thema’s:

  1. Presentatie van de eerste resultaten te horen van CJP-onderzoek naar cultureel aanbod voor het beroepsonderwijs. 
  2. Hoe nu verder, wat het strategisch pad dat moet leiden naar een stevige verankering binnen het curriculum van het MBO.
  3. Best Practices. CJP presenteert inspirerende voorbeelden van samenwerking tussen culturele instellingen en mbo opleidingen.

De deelnemers waren met name werkzaam bij culturele instellingen. Ook waren er twee vertegenwoordigers van mbo opleidingen aanwezig.

De eerste resultaten

De nieuwe mbo-card is goed geland binnen het beroepsonderwijs. CJP-directeur Walter Groenen is blij met de cijfers.  Meer dan 400.000 mbo’ers (84%) kunnen met flinke korting naar musea, musicals, de bioscoop en festivals. Momenteel doen 57 van 69 MBO-instellingen mee. Ter promotie van deelname zijn zo’n 4095 docenten aangeschreven. Alleen in de provincies Zeeland en Drenthe is minder vraag naar de mbo-card.

CJP volgt het gebruik van de kaart in harde cijfers, zo krijgen culturele instellingen karakteristieken van de bezoekers. Uit onderzoek onder ruim 1.200 culturele instellingen blijkt dat nu al 50% specifiek aanbod heeft, dat goed zou passen in het lesprogramma’s van mbo-instellingen. Walter Groenen:  ‘Nu is het zaak om ervoor te zorgen dat studenten van het mbo en culturele instellingen elkaar ook echt weten te vinden. En door de massale aanmelding wordt dat in ieder geval wat gemakkelijker.’ 

Hoe nu verder?

Een eerste stap om het cultuuronderwijs beter te implementeren in het beroepsonderwijs is gezet. Maar er moet meer gebeuren. Niet alleen docenten, maar ook de culturele instellingen moeten nu vaak hobbels nemen als ze kunst en cultuur als vast onderdeel willen opnemen in het onderwijsprogramma. 

Volgens CJP directeur Walter Groenen is het nu de tijd om ons hard te maken voor cultuureducatie in het mbo. Sinds de discussie over kwalificatiedossiers in 2005/2006 is er meer aandacht voor creativiteitsontwikkeling in het mbo gekomen. Toen al voerde CJP al een lobby naar politiek en stakeholders in het mbo, maar was te laat om meegenomen te worden in de herziene kwalificatiestructuur. In augustus volgt opnieuw een herziening van de kwalificatiestructuur. CJP en JOB zijn actief in een politieke lobby en het opstarten van een netwerk. Als culturele instellingen samenwerken en vraag en aanbod tussen mbo opleidingen en culturele instellingen goed op elkaar wordt afgestemd en wordt cultuureducatie gestimuleerd. In mei volgen resultaten van een inventarisatie van het CJP naar het aanbod van culturele instellingen.

Een volgende stap zou zijn om cultuureducatie ook binnenschools te stimuleren. CJP zoekt ingangen om dit te bewerkstelligen. Het kwalificatiedossier Burgerschap biedt kansen. Maar ook  verbindingen tussen opleidingen bijv. in  zorg en cultuur zoals muziek- en dementieprojecten. Deze verbindingen worden al gemaakt  in de cultuursector (bijv. LKCA programma Sport en Cultuur).

Inspirerende voorbeelden

Als laatste  presenteert Walter Groenen good practices van het Rijksmuseum, Museum van Loon en het Practoraat ROCvA opgericht door Marieke Gervers. Een practoraat is een lectoraat maar dan voor het mbo en verbindt praktijk en onderzoek in de creatieve vakopleidingen. Opvallend bij de voorbeelden is de bereidheid om aanbod te ontwikkelen en de op maat gesneden projecten die mooi aansluiten bij het ambacht en vakmanschap binnen opleidingen. CJP onderzoek toont dat dat 76,4%  van de 1200 onderzochte culturele instellingen aanbod kan ontwikkelen voor het  mbo zonder dat er geoormerkte budgetten aan gekoppeld zijn. Dat is goed nieuws!

LKCA : samen netwerk starten

Walter Groenen nodigt tevens Rozemarijn Schouwenaar uit, medior Cultuureducatie bij het LKCA, om een korte presentatie te houden over de LKCA situatieschets naar mogelijkheden voor cultuureducatie in het mbo. In 2015  startte Rozemarijn met een literatuuronderzoek en een inventarisatie naar kansen voor cultuureducatief aanbod in het mbo.  Bevindingen: er wordt op een aantal  mbo opleidingen al “iets” gedaan met cultuureducatie, bijv. als onderdeel van het vak Burgerschap of Nederlands, maar het is nog beperkt en het gaat  vaak om korte projecten in één leerjaar. Het LKCA  zou graag een landelijk netwerk willen starten met CJP, JOB, culturele instellingen en mbo opleidingen (en nodige stakeholders) en richt zich in 2016 op onderzoek en kennisdeling  rondom cultuureducatie in het mbo. De wens is een netwerk dat samen kan delen en leren en groeien. Met als doel: cultuureducatie in doorgaande leerlijn willen stimuleren met een breed aanbod voor alle studenten op het mbo. Daarbij is identiteitsvorming van studenten een uitgangspunt. Want we willen niet alleen waardige, vaardige en aardige jongeren, maar we willen m.b.v. cultuureducatie stimuleren dat  jongeren  lekker in hun skin zitten, weten waar hun talent ligt  en ze genoeg handvaten meegeven om hun diploma te halen en belangrijke keuzes te kunnen maken voor hun toekomst. 

Waardevolle tip van Walter:

Als je als culturele instelling  je met het onderwijs wilt verbinden, richt je dan niet op één onderwijsvorm maar noem PO, VO en mbo  in één zin, ook naar subsidiegevers.

Download de presentatie van Walter Groenen
Zes vragen over kansen voor cultuureducatie in het mbo (LKCA, 2016)