Hoe kun je literatuur verbinden met burgerschapsonderwijs?

Genomineerde Scriptieprijs 2019
Literatuur blijkt een goede ingang te zijn om thema’s rond burgerschap bespreekbaar te maken. Het nodigt leerlingen uit om zich te verplaatsen in iemand anders.
Gepubliceerd:
Deel dit artikel

In haar actieonderzoek liet Ineke Renkema zowel vo-leerlingen als taaldocenten nadenken over de kernwaarden voor een onderwijsconcept waarin literatuur en burgerschap samenkomen, zoals ‘aansluiten bij het niveau van de leerlingen’ en literatuur en maatschappelijke thema’s in context aanbieden’ en ‘zorgen voor een veilige leeromgeving’.

Onderzoeksvraag

Renkema onderzocht hoe het literatuuronderwijs op het Roelof van Echten College vormgegeven moeten worden om een betekenisvolle verbinding met burgerschap zichtbaar te maken.

Literatuur als bijdrage aan burgerschapsonderwijs

Uit de resultaten blijkt dat literatuuronderwijs een betekenisvolle bijdrage kan leveren aan burgerschapsonderwijs. Door literatuur kunnen leerlingen aan het denken worden gezet over ervaringen en situaties van anderen of hun eigen, toekomstige, situatie en kunnen zij worden uitgenodigd tot reflectie op hun eigen houding en gedrag.

Met het gebruik van literatuur als bron kun je naast literaire competenties ook interculturele en burgerschapscompetenties ontwikkelen. Met deze bevindingen is een aantal kernwaarden geformuleerd die het mogelijk maken om in het voortgezet onderwijs literatuuronderwijs en burgerschapsonderwijs betekenisvol te verbinden:

  • leren door literatuur: door literatuur kunnen leerlingen aan het denken worden gezet over ervaringen en situaties van anderen of hun eigen, toekomstige, situatie;
  • plezier beleven aan literatuur: door meer vanuit de inhoud te werken beleven leerlingen meer plezier aan het lezen van literatuur dan wanneer er vanuit een literatuurtheoretische benadering literatuuronderwijs wordt geboden;
  • aansluiten bij het niveau van de leerlingen;
  • literatuur en maatschappelijk thema’s in context aanbieden: voor een beter begrip van en voor ideeën en gedragingen en voor het begrijpen van verschillende perspectieven en het leren omgaan met verschillende opvattingen is het belangrijk om een literair werk niet losstaand te beschouwen;
  • dialoog en ervaring: het koppelen van het gelezene aan ervaringen en hierover een dialoog aangaan is effectief en motiveert. Een dialoog aangaan met de tekst levert diepgaander begrip op met de tekst en de personages;
  • de docent als bevrager en richtinggever: de docent is niet degene die de wijsheid in pacht heeft, maar is iemand die aanreikt en doorvraagt, iemand die samen met de leerling op zoek gaat naar nieuwe kennis en inzichten;
  • creatieve verwerkingsopdracht: een afsluitende opdracht waarbij op creatieve wijze vorm moet worden gegeven aan de eigen mening, het morele oordeel en reflectie is effectief en motiverend;
  • veiligheid en lef: zorg voor een veilige leeromgeving;
  • druk de burgerschapdoelen uit in competenties;
  • democratische kennisontwikkeling: bepaal en evalueer samen met de leerlingen de thematiek en lesinhoud.
  • zorg voor professionalisering van de docent, bijvoorbeeld in de vorm van een professionele leergemeenschap
  • inbedding in de schoolcultuur: ontwikkel een breed gedragen visie en beleid, om vakoverstijgend te werken en om niet te volstaan met kortdurende projecten. Burgerschap dient een regelmatig terugkerend onderwerp te zijn in de gehele school.

Aanbevelingen

  1. Stel een werkgroep samen die een visie ontwikkelt en beleid maakt voor burgerschapsonderwijs.
  2. Laat de werkgroep bestaan uit leraren en leerlingen uit diverse vakgebieden.
  3. Geef ruimte voor nascholing om docenten zich zekerder te laten voelen over het geven van burgerschapsonderwijs.
  4. Geef taal- en kunstonderwijs een significante plek in het curriculum.
  5. Zorg voor ontwikkeltijd voor nieuw lesmateriaal en vakoverstijgende projecten.
  6. Creëer een voorlopergroep die (verder) wil experimenteren met een nieuwe vorm van taal- en literatuuronderwijs in combinatie met burgerschapsonderwijs.
  7. Stel de maximale groepsgrootte in op 25 leerlingen om delibereren, dialoog en contact gemakkelijker mogelijk te maken.
  8. Zorg voor voldoende contacttijd.

Methode

Ineke Renkema deed actieonderzoek waarbij zowel leerlingen als taaldocenten aan deelnamen. Zij hebben via democratische kennisontwikkeling onderzocht hoe literatuuronderwijs vormgegeven zou moeten worden om een betekenisvolle verbinding met burgerschap zichtbaar te maken. Ze deed bronnenonderzoek naar raakvlakken tussen actuele ideeën over literatuuronderwijs en burgerschapsonderwijs.

Het bronnenonderzoek werd afgewisseld met empirisch onderzoek. Twee focusgroepen, één van leerlingen en één van docenten, dachten na over kernwaarden voor een onderwijsconcept waarin literatuur en burgerschap samenkomen. Ook is er een interview afgenomen met de onderwijsdirecteur. Renkema ontwikkelde vervolgens literatuurlessen die door verschillende docenten in verschillende klassen zijn getest en geëvalueerd met zowel de groepen leerlingen als met de beide focusgroepen.

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 3,3 / 5. totaal 3