Kunst (zonder een kunstenaar) in de klas

sociallinksheader

Volg ons
  • linkedin
opinie

Kunst (zonder een kunstenaar) in de klas

opinie

auteur
Linda Rosink
datum
29 mei 2019
Door Linda Rosink • 29 mei 2019

Leer leerlingen (en groepsleerkrachten) eerst omgaan met de onzekerheid van het creatieve proces, adviseert Linda Rosink. Zodat er een basis ontstaat voor creativiteit. En ja, als de leerlingen dáármee op hun gemak zijn, kom dan maar op met je kunstenaar in de klas! Je zet toch ook geen wiskundige in om een simpele optelsom uit te leggen?

Kunst en creativiteit in de klas, de basis ervan, mag niet afhangen van een kunstenaar voor de klas. Op vele bijeenkomsten over cultuureducatie hoor ik over prachtige projecten, verzorgd door kunstenaars die de klas in gaan. Ik vind het enorm waardevol dat hiervoor ruimte gemaakt wordt. Maar wat gebeurt er als die projecten voorbij zijn? Wat doet de leerkracht in de vele schoolweken die nog over zijn in het jaar?

Ik kan niet wachten tot de dag dat creativiteitsontwikkeling van kinderen dezelfde waarde heeft als rekenvaardigheid en taal. Creativiteitsontwikkeling verdient een structurele plek in het onderwijs. En daar zit de crux. Er is (financieel) niet voldoende ruimte om wekelijks een kunstenaar voor de klas te zetten. En dat hoeft mijns inziens ook niet. Je zet toch ook geen wiskundige voor de klas om een simpele optelsom uit te leggen?

‘Juf, doe ik het zo goed?’

Ik ben modevormgever en beroepskunstenaar in de klas – ook wel Bikker. Als Bikker ga ik langs PO- en VO-scholen met textielworkshops. Ik zet het creatief proces voorop. Dat houdt in dat ik niet hamer op nette rijgsteekjes, maar focus op het denk- en maakproces van de leerling. Wat wil je maken, hoe kom je daar? Hoe kan ik je daarbij helpen?

Na een tijdje deze lessen gedaan te hebben merkte ik overeenkomsten tussen de leerlingen, ongeacht leeftijd. Leerlingen zijn niet op hun gemak bij de onzekerheid van het creatieve proces, ze vragen: Juf, doe ik het zo goed?
Ik geef ze geen stappenplan, knipvel of pakket van kwaliteitseisen. Ik start met een opdracht met kaders waarbinnen zij vrij mogen bewegen. Van daaruit gaat de leerling aan de slag. En als de inzet of motivatie er is, dan is elke stap in een proces goed, zelfs als er niet uitkomt wat je verwacht. Soms juist als er niet uitkomt wat je verwacht, omdat het je op een ander waardevol spoor kan zetten. 

De vraag: ‘Juf, doe ik het zo goed?’, is dus eigenlijk een vraag die mij vertelt dat een leerling het lastig vindt om te gaan met die onzekerheid. Vaak stel ik een vraag terug: Dat weet ik niet, wat wil je doen/bereiken/maken?
Als kunstenaar sta ik vaak in een klas met kinderen die niet klaar zijn voor wat ik het liefst met ze zou willen doen, een duik in het creatief proces. Ik wil niet verantwoordelijk zijn voor de basis van creativiteit. Daar hebben ze mij niet voor nodig, dat kan een groepsleerkracht ook. 

Samen ontdekken en experimenteren

Je eigen creatieve proces leren kennen en ontdekken hóe je creatief bent, kan op elke leeftijd. De ene leerkracht is de ander niet. Ruimte en vrijheid om in de klas, samen met je leerlingen, op creatieve ontdekkingstocht te gaan, ziet er voor iedere leerkracht anders uit. Samen met leerkrachten van vier Utrechtse basisscholen onderzocht ik, vanuit stichting Kopa, wat hen belemmert bij het aangaan van hun eigen creatieve proces en dat van de kinderen. We kwamen op vier onderwerpen.

Wat belemmert leerkrachten bij het aangaan van het creatieve proces? 

  1. Randvoorwaarden: Tijd, geld, (fysieke) ruimte en draagvlak in het team. Leerkrachten geven aan dat ze vaak geen ruimte in hun hoofd voelen of tijd hebben om zelf lessen te bedenken en de materialen ervoor te kopen. 
  2. Inspiratie en vakkennis: Waar te beginnen, welke kunstenaar werkt met de techniek die je wilt behandelen en hoe kan je je opdracht slim aanpakken met 30 kinderen? 
  3. Procesgerichte didactiek: Wat is een creatief proces? Welke fasen komen langs en welke houding neem ik aan als leerkracht, om de leerling zoveel mogelijk ruimte te geven? 
  4. Mindset: Aandurven dat je een les geeft waarvan je het einde niet kan voorspellen, in een techniek die je nog nooit gedaan hebt. 

In de samenwerking met scholen maakten we PIONIER!. Dat is niet een methode geworden waarin elke stap is uitgedacht. Ook niet een leerlijn die doelen stelt, maar geen weg er naartoe schetst. PIONIER! is een handzaam startpunt voor leerkrachten die de creatieve vermogens in hun klas willen ontwikkelen. Met lesbrieven, filmpjes over technieken, materiaalboxen en beeldpresentaties. Geschikt voor groep 1 tot 8, met iedere twee jaar een stukje verdieping op een onderwerp. 

Schilderen als van Gogh

De basisschooltijd is mijns inziens een periode waarin je de veelheid aan mogelijkheden ontdekt en voor creatieve vaardigheden een kennismaking aanbiedt. Niet de tijd waarin je verwacht dat de leerling leert schilderen als Van Gogh of zingen als Glennis Grace.

Juist spel en plezier mogen voorop staan, het experiment en ontdekken. En als de kinderen daar mee op hun gemak zijn, kom dan maar op met die kunstenaars in de klas. Dan gebeuren er gave dingen.

Foto: Fingerpaint Fridays, Howard County Library System, Flickr.com