‘Ik kan vanuit deze portefeuille veel bereiken’   

Een interview met staatssecretaris Uslu (Cultuur en Media)
Bijgewerkt op:
Gepubliceerd:
Deel dit artikel
Gunay Uslu is eindelijk weer eens een staatssecretaris voor Cultuur en Media met een cv met meer culturele dan politieke functies. Ze vat het begrip cultuur ruim op en laat haar stem horen waar ze kan. In dit interview vertelt ze over haar achtergrond, haar prioriteitenlijst (“Er is nog te weinig kleur, al gaat het over meer dan kleur alleen”) en over haar samenwerking met andere ministers.

Dit interview verscheen in Cultuurkrant 2022, nummer 3.

Gunay Uslu is staatssecretaris voor Cultuur en Media. Kunst en cultuur kwamen al vroeg in haar leven. Foto: ANP

Na de lange formatieonderhandelingen kwam zij min of meer vanuit het niets, althans niet uit de politiek. Gunay Uslu was de laatste jaren in diverse managementfuncties werkzaam bij Corendon, de reisorganisatie van haar broer Atilay. Voor zij de post van staatssecretaris in Rutte IV kon accepteren, moest ze nog even lid worden van D66.

Cultuurhistorie

Kunst en cultuur kwamen al vroeg op haar weg. Allereerst door haar biculturele achtergrond: jaarlijks ging het gezin Uslu op vakantie naar Turkije, het geboorteland van vader en moeder. “Mijn vader had een passie voor verhalen en onderweg vertelde hij over de landen waar we doorheen reden. Duitsland en de Tweede Wereldoorlog, muziekstad Wenen, Griekenland en de klassieken, Troje waar de boot naar Azië aanmeerde. Op de christelijke basisschool hoorde ik tijdens het wekelijkse kerkbezoek de verhalen, zag ik de architectuur. De magie van verhalen, daar is mijn eerste interesse voor cultuurhistorie ontstaan.”

De magie van verhalen, daar is mijn eerste interesse voor cultuurhistorie ontstaan.”      

Van haar twaalfde tot haar 22e woonde zij in Amsterdam bij haar zus, film- en documentairemaakster Meral Uslu. Op het Montessori Lyceum wakkerde “een fantastische geschiedenisleraar” haar verhalenliefde verder aan en kregen cultuur en zelfontplooiing sowieso veel aandacht. “Via mijn zus leerde ik de filmscene kennen. Ze nam me mee, naar de sets, naar musea. Zo werd dat wereldje ook mijn Heimat. Stel je voor, je bent twaalf en zit bij een nachtfilm van Polanski, terwijl je eigenlijk in bed hoort te liggen – magisch!”

Toegang tot kunst en cultuur

Een dergelijke vanzelfsprekende toegang tot kunst en cultuur is echter niet voor iedereen weggelegd. Cultuureducatie en -participatie, met name voor jongeren, staan dus hoog op haar prioriteitenlijst, gekoppeld aan diversiteit en inclusie.

U heeft wel gezegd zich te willen inzetten om kunst en cultuur vanzelfsprekender te maken in opvoeding en onderwijs. Maar hoe? Is meer aansturing vanuit het Rijk bijvoorbeeld een mogelijkheid, zoals Kristel Baele, de voorzitter van de Raad voor Cultuur, heeft gesuggereerd?

“Uitgangspunt in Nederland is altijd geweest dat de Rijksoverheid inhoudelijk op afstand moet staan van kunst en cultuur. Maar ik denk dat het goed is om het per onderwerp te bekijken. Tegelijk zeg ik: provincie en gemeenten weten veel beter wat er nodig is. Centrale aansturing kan ook beperkend werken.”

Staatssecretaris Cultuur en Media Gunay Uslu ANP

Matchingprogramma’s

“Ik vind het een lastige vraag. De samenwerking met provincie en gemeenten kan wel versterkt worden met meer matchingsprogramma’s. Maar let wel, 89 procent van de gemeenten hebben beleid op het gebied van cultuurdeelname. Dat is veel hoor. Die elf procent vormen natuurlijk de uitdaging. Maar er gebeurt veel. Cultuureducatie met Kwaliteit loopt bij zestig procent van de scholen en komt nu ook beschikbaar voor voortgezet onderwijs en mbo. Daarbovenop komt nu Impuls Jongerencultuur via de grote gemeenten, een nieuw matchingsprogramma.”

U heeft natuurlijk zo uw eigen prioriteiten. Welke bijvoorbeeld?

Centraal staat dat kunst en cultuur voor iedereen toegankelijk moet zijn, ongeacht je achtergrond, gender, inkomen, seksuele oriëntatie, sociaaleconomische status, leeftijd en woonplaats. En er zijn in Nederland anderhalf miljoen mensen met een fysieke of verstandelijke beperking. Ik geloof heilig dat hun verhalen ook verteld moeten worden, iedereen moet zich kunnen herkennen in en onderdeel zijn van kunst en cultuur. Gebeurt dat? Nee, niet genoeg. Het gaat nog te veel over Amsterdam, te weinig over wat daarbuiten gebeurt.”

“Er is nog te weinig kleur, al gaat het over meer dan kleur alleen. Ook over de regio, al vind ik dat een gekke term. Het gaat over Néderland. Diversiteit en inclusie zitten zo in mijn DNA dat het bijna raar voelt om het te moeten uitleggen.”

Het is natuurlijk wel hét thema van de laatste jaren. De Code Diversiteit en Inclusie is centraal aan alle Rijksgesubsidieerde instellingen opgelegd.

“Het is niet alleen van de laatste jaren. Toen ik in 2000 stage liep bij Rick van der Ploeg [die haar voorging als staatssecretaris Cultuur en Media] schreef hij de beleidsnota Ruim baan voor Culturele Diversiteit. Ik voel de verantwoordelijkheid om die beweging actiever aan te jagen.”

“Overigens, dat ‘opleggen’ vind ik zo gek. Diversiteit is kracht, inclusie is kracht, het ís geen probleem. Als je inclusiever werkt, krijg je andere verhalen, andere vormen, een ander publiek. Dat mag je als overheid ook wel verwachten vind ik. Ik wil vooral jongeren bereiken. Die denken veel inclusiever dan wij. Wij zitten vast, onze generatie, in definities, formats en kaders van de vorige eeuw.”

Ook van de vorige eeuw: de belabberde positie van de zzp’ers in de sector, zeker ook in de cultuureducatie. Wat kunt u voor hen betekenen?

“Waar we nu mee zijn gestart is samen met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, werkgevers, branche- en belangenorganisaties te werken aan een structureel plan om de arbeidsmarktpositie te verbeteren, met een eerlijke beloning en een gezonde werkpraktijk.”

Pilot: zzp’ers in dienst nemen

“Maar ik wil ondertussen niet stilzitten, dus dit jaar is een pilot gestart om werkgevers met subsidies te stimuleren ‘onvrijwillige zzp’ers’ in dienst te nemen. In een tweede pilot kijken we naar een financiële tegemoetkoming voor arbeidsongeschiktheids- en pensioenverzekering, die veel zzp’ers nu niet kunnen betalen. Dat wordt onderdeel van het structurele plan.”

Wat wilt u op dit gebied aan het einde van deze kabinetsperiode voor elkaar hebben gekregen? Moet dit nieuwe, structurele plan dan bijvoorbeeld geïmplementeerd zijn?

“Concrete doelen hieromtrent zijn nog in ontwikkeling, dus deze vraag kan ik nog niet beantwoorden.”

Hoe is overigens de samenwerking met minister Wiersma van Primair en Voortgezet Onderwijs? Hij heeft curriculum.nu op de helling gezet. Daar worden kunstdocenten zenuwachtig van. Kunt u hem bij zijn herziening van het curriculum wat tegendruk en advies geven?

“Die herziening is nodig, ook op het gebied van kunst- en cultuuronderwijs. De kerndoelen moeten opnieuw geformuleerd worden. Dat valt onder zijn verantwoordelijkheid, maar we zijn in gesprek en ik denk mee.”

Programma School en Omgeving

“De Rijke Schooldag – omgedoopt tot het programma School en Omgeving – is een belangrijk gesprekspunt. Over specifieke onderwerpen kan ik niet in detail treden. Maar ik zou het goed vinden als scholen de samenwerking met musea en theaters meer opzoeken. Lezen en muziek vind ik ook heel belangrijk, en we moeten inzetten op deskundigheid, met vakdocenten en goed opgeleide interne cultuurcoördinatoren.”

U bent dus in gesprek met Wiersma, maar hoe zit het met de overige kabinetsleden? U heeft gezegd dat u de aanvankelijke geringe aandacht vanuit de politiek voor kunst en cultuur tijdens de coronacrisis schokkend vond. Toen u pas staatssecretaris was, bent meermalen op eigen initiatief aangeschoven bij de ministerraad. Krijgt u daar gehoor?

“Tijdens de coronacrisis hebben we gemerkt wat het betekent als kunst en cultuur wegvallen. Hoe belangrijk het is samen naar kunst en cultuur te kijken, erover te reflecteren en te discussiëren. Daarom heb ik gezegd: oké, ik ga in dit kabinet zitten en vertellen waarom er meer aandacht voor zou moeten zijn. In het begin heb ik tijdens de ministerraad echt af en toe op de knop van mijn microfoon gedrukt en gezegd: ho jongens, weten jullie wel hoe belangrijk dit is, het gaat over mij, over jou, mensen, verbinding.”

“Ik kan vanuit deze portefeuille veel bereiken, al is het budget relatief klein. Ik kan overal mijn stem laten horen. Als minister De Jonge (Bouwen en Wonen) huizen wil bouwen, heeft hij te maken met natuurgebieden, parken, erfgoed, burgerparticipatie. Dat is cultuur! En als het over welzijnszorg gaat, praat ik met staatssecretaris Van Ooijen. Cultuur is zo belangrijk voor het mentale welzijn van jongeren, van ouderen ook. Daar kan ik iets toevoegen.”

“En ik krijg dat podium. Mensen reageren enthousiast: ‘o mag ik met je mee?’ Met mensen bedoel ik ministers. Ik neem ze ook alle 28 een keer mee. Rutte en Kuipers zijn al geweest. Ik zit erover te denken om inspiratiesessies te organiseren voor het kabinet. Kunstenaars, makers of creatieven uitnodigen voor een presentatie, lezing of gesprek. Dat is nog lang geen uitgewerkt plan, maar zoiets lijkt me heel bijzonder.”


CV Gunay Uslu

Gunay Uslu (Haarlem, 1972) studeerde cultuurwetenschappen/cultuurgeschiedenis van Europa (variant beleid & management) aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in 2015. Tussen 2001 en 2018 was ze met onderbrekingen docent cultuurwetenschappen.

Tussen 2002 en 2005 was ze projectmanager educatie en evenementen van het Rijksmuseum Amsterdam en tussen 2011 en 2013 curator en conservator van diverse tentoonstellingen in het Allard Pierson Museum en het Amsterdam Museum. Bij reisorganisatie Corendon bekleedde ze tussen 2014 en 2020 verschillende managementfuncties.

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 4.6 / 5. totaal 22

Reageer (je reactie verschijnt na goedkeuring, vanwege spam)

Reacties (0)
Bijgewerkt op:
Gepubliceerd:
Deel dit artikel