De Wmo biedt kansen voor kunstprofessionals

Ben jij klaar om te ondernemen met de Wmo?
Om mensen zo lang mogelijk thuis te laten wonen is de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) ingevoerd. De wet is bedoeld voor mensen die niet volledig zelfredzaam zijn. Denk aan ouderen, verstandelijk gehandicapten en mensen met GGZ-problematiek. Gemeenten moeten hun Wmo-beleid lokaal invullen en zoeken samenwerkingspartners met goede initiatieven. Dat biedt kansen, ook voor kunstprofessionals. Doe je voordeel met deze tips.
Gepubliceerd:
Deel dit artikel

Tip 1: Denk mee over de 4 centrale vragen

Veel elementen samen bepalen of iemand zelfredzaamheid is. Denk aan zelfvertrouwen, mentale en fysieke vermogens en een sociaal vangnet. Voor gemeenten zijn de volgende vragen zeer relevant: 

  • Hoe houd je zoveel mogelijk burgers vitaal, zodat je zorgvragen voorkomt of uit kan stellen?
  • Hoe bereik je mensen met een zorgvraag die nog thuis wonen en daardoor minder makkelijk ‘vindbaar’ zijn? 
  • Hoe stimuleer je zelfvertrouwen en specifieke vaardigheden waardoor mensen meer regie over hun eigen leven krijgen? 
  • Hoe vergroot of versterk je netwerken voor informele zorg tussen burgers? 

De vragen kunnen we alle drie – ook – beantwoorden met: ‘Door actieve deelname aan culturele en kunstzinnige activiteiten.’ Want dat doet een mens goed, blijkt uit steeds meer studies.

Tip 2: Haak aan bij één of meerdere beleidsthema’s

Voor de komende twee jaar zijn (binnen de Wmo) de volgende beleidsthema’s vastgesteld, waarop kunstinitiatieven kunnen inspelen:

  • Preventie van zorgvragen
  • Opsporen van de zelfstandig wonende mensen met een (latente) zorgvraag
  • Bespreekbaar maken van de zorgvraag
  • Bijdragen aan zelfversterking of empowerment
  • Vergroten van zelfregie en zelfredzaamheid
  • Stimuleren van samenredzaamheid door (informele) netwerkvorming

Tip 3: Ben je bewust van het vernieuwende karakter

De uitdaging is dat je je in een ontwikkelend veld beweegt: er bestaan geen kant en klare concepten. Samenwerking met kunstprofessionals is niet voor alle potentiële zorg en welzijnspartners vanzelfsprekend en gemeentelijke afdelingen Kunst en Cultuur zetten niet allemaal ‘kunst als middel’ in. Je kunt bij de lokale overheid en de meeste zorg- en welzijnsinstellingen dus niet terugvallen op een structurele aanpak, cultuurbeleid of duurzame financiële middelen.  

Tip 4: Kijk wat andere kunstprofessionals binnen deze wet uitvoeren  

Tip 5: Verbreed je eigen werkveld

De kans die de Wmo kunstprofessionals biedt is het werken met nieuwe deelnemersgroepen in de sociale en maatschappelijke sector. Hierdoor wordt het werkveld van kunstprofessionals verbreedt. Het tij is gunstig: landelijk is er meer aandacht voor de maatschappelijke functie van kunst en cultuur gekomen en verschillende fondsen stimuleren cultuurparticipatie onder doelgroepen die ook op de Wmo aanspraak maken. 

Tip 6: Verdiep je in de participatieve kunstprojecten

Actieve cultuurparticipatie in participatieve kunstprojecten werkt als een preventief middel: hoe beter iemand zich voelt door actieve cultuurparticipatie en hoe meer iemand daardoor over een informeel (zorg)netwerk beschikt, hoe minder de vraag naar zorg zal zijn. Ook voor de vrijwilligers die veelal de participatieve kunstpraktijken mede ondersteunen is het een vorm van activering en participatie.

Tip 7: Pols of je gemeente openstaat voor kunstinterventies 

Voor kunstprofessionals zijn doelgroepen vaak niet nieuw, maar voor gemeenten wel. Gemeenten moeten een nieuwe doelgroep met een zorgvraag leren kennen, nieuwe werkwijzen ontwikkelen en nieuwe afspraken maken rondom de Wmo met aanbieders binnen zorg, welzijn en overige takken. Dit terwijl er tegelijkertijd is bezuinigd op extramurale ondersteuning. Er is dus sprake van een zoektocht. Hoever men hierin is, verschilt per gemeente. Houd hier als kunstprofessional rekening mee in het overleg met gemeente en zorgaanbieders.

Tip 8: Overtuig gemeenten van de kracht van cultuurparticipatie 

Actieve cultuurparticipatie ondersteunt en versterkt mensen met een zorgvraag:

  • Het draagt bij aan het gevoel van welzijn
  • Het lokt mensen op positieve wijze uit hun huis, want kunstparticipatie en plezier, niet hun probleem staat centraal
  • Vitale en minder-vitale individuen en groepen worden bij de kunstpraktijken betrokken
  • Het levert nieuwe contacten op en dit vermindert mogelijk isolement

Tip 9: Begin met een open verkenning 

Investeer tijd, energie en inzet in het leren kennen van:

  • De potentiele deelnemers: ga erop uit, treed met ze in gesprek en breng hun behoeften en interesses in kaart.
  • De potentiele samenwerkingspartners die al met de doelgroep werken – zeker als je nog geen ingang hebt tot de potentiele deelnemers. Ga het gesprek aan en tast af hoe samenwerking wederzijds versterkend kan zijn. 
  • Lokale bestuurders en ambtenaren met de Wmo in hun portefeuille en breng hun specifieke Wmo-vragen in kaart.

tip 10: Over het opzetten van je projectplan

  • Sluit de vorm en inhoud van je programma-ontwerp aan op de behoeften, wensen en ambities van de groep(en) waarmee je gaat werken.Schrijf het projectplan samen met (enkele) lokale partners. Door de samenwerking tussen de sectoren kunst, zorg of welzijn, hebben financiers er meer vertrouwen in.
  • Ontwikkel geen ‘los’ project, maar vanaf het begin een langere termijnstrategie.
  • Leg het gezamenlijk met samenwerkingspartner(s) en doelgroep ontwikkelde plan voor aan de lokale bestuurders of ambtenaren.

tip 11: Zoek samenwerkingspartners

Let op! Binnen de Wmo gaat het niet om zorgcentra waar mensen intern wonen.

  • Lokale zorg- en welzijnsinstellingen en organisaties die met de doelgroep of specifieke deelgroep(en) werken.
    (In)formele verenigingen of verbanden voor sport en vrijetijdsbesteding waar de beoogde groepen bijeenkomen.
  • Kunstorganisaties met ervaring met de doelgroep of specifieke deelgroep(en).
  • Sociale wijkteams en zorgteams.
  • Gemeentelijke afdelingen Kunst en Cultuur.
  • Gemeentelijke afdelingen Zorg en Welzijn (Wmo). 

tip 12: Geef een impuls aan de activiteiten van dagbestedingsprogramma’s

Vrijwel de meeste zorg- en welzijnsinstellingen bieden creatieve activiteiten aan binnen hun dagbestedingsprogramma’s. Hierin is zowel innovatie als een kwaliteitsslag mogelijk waaraan kunstinstellingen en kunstenaars een impuls kunnen geven.

tip 13: Zo regel je de financiën

Voor de financiering van je culturele programma zijn er de volgende mogelijkheden:

  • Onderhandel met de gemeente over financiering van je programma uit Wmo-budgetten.
  • Raadpleeg de fondsenwijzer en schrijf met je aanvraag publieke en private fondsen aan. Kijk ook goed naar de kansen die kleine (regionale) fondsen bieden. 

tip 14: Lees de handreiking Succesvolle inclusieve cultuurprojecten

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 0 / 5. totaal 0

Reageer

Uw bericht kan gewijzigd worden door de beheerder
Praat verder over dit onderwerp met deze expert:
Angela van Dijk
Angela van Dijk
Functie: Specialist Cultuurparticipatie
Expertise: zorg en welzijn
angelavandijk@lkca.nl
030 - 711 51 00
Bekijk alle experts