FAQ’s primair onderwijs

Gepubliceerd:
Deel dit artikel

Wat zijn kerndoelen?

Kerndoelen zijn streefdoelen die aangeven wat leerlingen moeten kennen en kunnen aan het eind van de basisschool. Ze beschrijven de kern van de leerstof. Scholen zijn vrij om rond de kern leerstof aan te bieden die bijdraagt aan het bereiken van de kerndoelen. Er zijn 58 kerndoelen, verdeeld over zeven leergebieden. Een daarvan is het leergebied kunstzinnige oriëntatie. De kerndoelen worden voorgeschreven door het ministerie van OCW.

Welke kerndoelen gelden voor het leergebied Kunstzinnige oriëntatie?

In het leergebied Kunstzinnige oriëntatie maken kinderen kennis met kunst en cultuur. Bijvoorbeeld door musea en voorstellingen te bezoeken en literatuur te lezen. Ook doen kinderen zelf actief aan tekenen, handvaardigheid, muziek en beweging.

De kerndoelen van Kunstzinnige oriëntatie zijn:

  • 54. De leerlingen leren beelden, taal, muziek, spel en beweging te gebruiken, om er gevoelens en ervaringen mee uit te drukken en om er mee te communiceren.
  • 55. De leerlingen leren op eigen werk en dat van anderen te reflecteren.
  • 56. De leerlingen verwerven enige kennis over en krijgen waardering voor aspecten van cultureel erfgoed.

In welk leergebied is erfgoededucatie ondergebracht?

Erfgoed valt niet alleen onder het leergebied Kunstzinnige oriëntatie (kerndoel 55), maar ook onder het leergebied Oriëntatie op jezelf en de wereld. In dit leergebied oriënteren leerlingen zich op hun omgeving. Op die manier worden zij zich bewust van het cultureel erfgoed om hen heen. Erfgoed is ook nauw verbonden met geschiedenis en het ontwikkelen van historisch besef.

De kerndoelen van Oriëntatie op jezelf en de wereld zijn:

  • 51. De leerlingen leren gebruik te maken van eenvoudige historische bronnen en ze leren aanduidingen van tijd en tijdsindeling te hanteren.
  • 52. De leerlingen leren over kenmerkende aspecten van de volgende tijdvakken: jagers en boeren; Grieken en Romeinen; monniken en ridders; steden en staten; ontdekkers en hervormers; regenten en vorsten; pruiken en revoluties; burgers en stoommachines; wereldoorlogen en holocaust; televisie en computer.
  • 53. De leerlingen leren over de belangrijke historische personen en gebeurtenissen uit de Nederlandse geschiedenis en kunnen die voorbeeldmatig verbinden met de wereldgeschiedenis.

Waar staan de uitwerkingen van de leerlijnen en tussendoelen horend bij de kerndoelen?

Op de SLO-website TULE zijn de kerndoelen uitgewerkt in tussendoelen en leerlijnen. Hier vind je:

  • karakteristieken van de leergebieden;
  • toelichtingen per kerndoel;
  • een overzicht van tussendoelen voor groep 1/2; groep 3/4; groep 5/6; groep 7/8;
  • uitgewerkte voorbeelden van leerlijnen per discipline.

De SLO-website Leerplan in beeld geeft informatie over de inhoudelijke aansluiting van het primair onderwijs op het voortgezet onderwijs voor alle leergebieden.

Wat is een CultuurProfielSchool?

Op Cultuurprofielscholen staan kunst en cultuur prominent op het rooster, komen meerdere kunstdisciplines aan bod en sluit het kunstonderwijs zoveel mogelijk aan bij de andere vakken. Er is ook ruim tijd en aandacht voor buitenschoolse activiteiten in samenwerking met culturele instellingen.

Hoe word je een CultuurProfielSchool?

Als je als school herkent in de ambitie om kunst en cultuur prominent op het rooster te krijgen en graag wilt (door)groeien naar een CultuurProfielSchool, neem dan contact op met de VCPS-PO. Ook culturele instellingen die potentiële cultuurscholen kennen en/of zich graag in dienst willen stellen voor de VCPS-PO kunnen reageren.

Wat zijn de leereffecten van kunsteducatie?

Wat leerlingen leren van kunsteducatie, is niet eenduidig te benoemen. Het hangt af van allerlei factoren, met name van de didactisch aanpak. De ene keer leren leerlingen van kunst, de andere keer leren ze iets over kunst of juist met kunst.

Leereffecten kun je onderverdelen in:

  • kunstzinnige / intrinsieke effecten: opbrengsten met betrekking tot kunstzinnige kennis, vaardigheden en houdingen;
  • niet-kunstzinnige / extrinsieke effecten: andere opbrengsten van het leerproces, niet specifiek voor kunstonderwijs.

Deze grens is niet scherp te trekken. Effecten vloeien in elkaar over. Het ligt er bovendien aan hoe je een effect opvat. Je kunt creativiteit bijvoorbeeld zien als:

  • een vermogen in het domein van de kunsten;
  • een algemene gedraging om nieuwe, zinvolle ideeën en oplossingen te produceren;
  • kenmerk van een leeromgeving.

Welke factoren maken het verschil als het gaat om het vaststellen van de leereffecten?

Er is bij onderwijs in de kunsten niet één vaste route die voor alle leerlingen naar een en hetzelfde eindpunt leidt. Leereffecten zijn altijd afhankelijk van de (voor)kennis, mate van ervaring en achtergrond van je leerlingen. En van jouw doelen, methode of didactische aanpak. Wat jij gelooft dat goed of waardevol is voor je leerlingen – je opvattingen daarover – bepaalt welke kennis je overdraagt en welke niet.

Per kunstdiscipline (muziek, beeldende kunst, drama, dans) zijn leereffecten anders. Het maakt uit of er sprake is van een individuele of een collectieve leeractiviteit. En er is verschil tussen disciplines met een fysiek product of met uitvoering als doel. Naast discipline zijn ook de duur en intensiteit van een les of project van invloed op de te bereiken effecten. Werkelijk partnerschap tussen leerkrachten, kunstdocenten en makers vanuit allerlei disciplines leveren de rijkste effecten op.

Hoe kun je de leereffecten van kunsteducatie benutten ter legitimering van de kunstvakken?

Een legitimatie puur op extrinsieke effecten kan kunsteducatie in een zwakke positie brengen. Kunst wordt dan ‘hulpmiddel’ ter ondersteuning van wat ‘echt belangrijk’ is. Het is sterker om kunsteducatie te legitimeren vanuit de intrinsieke waarde van kunst als onderdeel van de menselijke ervaring. Kunsteducatie ondersteunt de ontwikkeling van het hele kind, en bereidt kinderen voor op een leven vol plezier en kansen om te leren. Natuurlijk kunnen kunstzinnige werkvormen ook als didactisch middel gebruikt worden, bijvoorbeeld om lesstof beter te onthouden.

Wat is een cultuurcoördinator?

De cultuurcoördinator (icc’er) op school is de spil voor goed cultuuronderwijs voor ieder kind op school. De cultuurcoördinator maakt en houdt iedereen enthousiast voor cultuur en creativiteit in de klas en is de verbindende schakel tussen school en culturele omgeving. De eerste cultuurcoördinator werd opgeleid in 2005, de 7500e kreeg haar certificaat in juni 2017.

Wat leer je tijdens de icc-cursus?

De cultuurcoördinator schrijft tijdens de cursus interne cultuurcoördinator (icc-cursus) een cultuurplan voor de school. Dit gebeurt in afstemming met het team en de directie. In het plan staat de visie van de school op cultuuronderwijs, met een plan van aanpak en een meerjarenplan. Een doordachte visie en goed beleid op cultuuronderwijs helpen om de kwaliteit en continuïteit ervan te waarborgen. Cultuuronderwijs wordt onderdeel van het schoolplan en het wordt jaarlijks geëvalueerd en geactualiseerd.

Hoe is de icc-cursus opgebouwd en wat is de urenbelasting?

De reguliere icc-cursus van acht dagdelen is gericht op het schrijven van een cultuurplan voor de school, het opbouwen van een cultureel netwerk, het stimuleren van draagvlak voor cultuureducatie en het werken aan de eigen competenties als cultuurcoördinator.

De cursus bestaat uit acht bijeenkomsten van ca. drie uur en is als volgt opgebouwd:

  • les 1-3: cultuur op school
  • les 4-6: van visie naar actie
  • les 7: presentatie van het cultuurplan tijdens een teambijeenkomst en aanwezig bij de presentatie van een mede-cursist op diens school
  • les 8: Inhoudelijke afronding, laatste aanscherping cultuurplan en uitreiking certificaten

Naast de 24 contacturen moet rekening worden gehouden met hetzelfde aantal uren voor studie en voorbereiding. De totale studielast bedraagt ca. 50 uur. Ben je geïnteresseerd in het volgen van de cursus? Neem dan contact op met de cursuslocatie in jouw gemeente of provincie.

 

Kan je als pabostudent een icc-certificaat behalen?

Een aantal pabo-opleidingen in Nederland biedt een minor kunst- en cultuur(educatie) aan die mede opleidt tot interne cultuurcoördinator. Als je een minor cultuureducatie hebt gevolgd, waarin de competenties van de cultuurcoördinator aan bod komen, ontvang je het landelijke icc-certificaat.

Hoe kunnen pabo’s de minor kunst- en cultuureducatie in aanmerking laten komen voor officiële icc-certificering?

De docent die de minor geeft, moet ook gecertificeerd icc-trainer zijn. De onderdelen van de reguliere cursus moeten in de minor aan bod komen. Om aan te tonen of dit het geval is, hebben wij een checklist ontwikkeld die bij de cursus wordt ingevuld.

 

Wat zijn de rollen en competenties van een cultuurcoördinator?

Als cultuurcoördinator kun je verschillende rollen vervullen binnen je school. De ene rol ligt je beter dan de andere, in de ene rol wil je je liever verder ontwikkelen dan in de andere. Bij de zes rollen van de cultuurcoördinator horen verschillende competenties. We hebben de rollen en competenties verwerkt in een poster die je kunt downloaden in A3-formaat of A4-formaat.

De reflector reflecteert op zichzelf en het ontwikkelproces van de school en faciliteert de reflectie met het team. De reflector:

  1. denkt na over de plek van cultuuronderwijs in het curriculum van de school en kan deze  toelichten en bevragen;
  2. is bij vernieuwingen in het onderwijs en op school alert op de rol en positie van cultuuronderwijs;
  3. reflecteert op de invulling van cultuuronderwijs samen met de directie en het team;
  4. signaleert de sterke en zwakke punten van zichzelf en het team, haalt daar leervragen uit en zoekt scholing.

De inspirator voedt en inspireert collega’s en ouders. De inspirator:

  1. is zelf het levende voorbeeld van hoe leuk en belangrijk cultuuronderwijs is;
  2. kan het belang van cultuuronderwijs voor de ontwikkeling van kinderen uitleggen;
  3. biedt collega’s advies en nieuwe ideeën voor cultuurlessen en –projecten;
  4. stimuleert tot ouderbetrokkenheid.

De schatzoeker is op zoek naar bijzondere en inspirerende parels. De schatzoeker:

  1. is op zoek naar passende en bijzondere activiteiten voor de leerlingen;
  2. is op zoek naar passende en bijzondere activiteiten voor team en directie;
  3. doet kennis, inspiratie en nieuwe contacten op via netwerkbijeenkomsten en conferenties;
  4. voedt zichzelf met kennis over actuele ontwikkelingen op het gebied van cultuuronderwijs.

De verbinder betrekt culturele partners. De verbinder:

  1. kent relevante (culturele) partners en instellingen in de omgeving en hun mogelijkheden;
  2. is contactpersoon voor externen;
  3. gaat, vanuit een vraag van de school, met hen in gesprek over samenwerking;
  4. werkt samen met de (culturele) partners aan de ontwikkeling van duurzaam cultuuronderwijs.

De vormgever geeft vorm aan cultuuronderwijs. De vormgever:

  1. actualiseert samen met collega’s (intern en extern) het cultuurplan en de visie op cultuuronderwijs;
  2. beoordeelt activiteiten en aanbod; passend bij de visie/het plan van de school;
  3. maakt samen met het team en directie keuzes voor het cultuurprogramma (activiteitenplan), dat wordt ingebed in het curriculum, ook na- en buitenschools;
  4. stimuleert (of geeft plek aan) vernieuwende en passende culturele activiteiten en projecten.

De regisseur coördineert cultuuronderwijs op school, in samenwerking met het team, de directie en/of de cultuurcommissie. De regisseur:

  1. zorgt dat cultuuronderwijs in team- en bouwvergaderingen blijvend besproken wordt;
  2. houdt zicht op tijd en geld, en maakt hier afspraken over om het cultuurprogramma en de icc-taken naar behoren uit te kunnen voeren;
  3. houdt het team up-to-date op het gebied van cultuuronderwijs;
  4. delegeert taken betreft cultuuronderwijs aan het team.

Kan je ook zonder cursus in het bezit komen van het icc-certificaat?

Leerkrachten die de cursus niet gevolgd hebben maar wel het landelijk erkende icc-certificaat willen ontvangen, moeten een aantal kwaliteiten en competenties in huis hebben. We hebben deze verwerkt in een poster die je kunt downloaden in A3-formaat of A4-formaat.

Cultuur in beweging

De cultuurcoördinator:

  • is op de hoogte van actuele ontwikkelingen op het gebied van cultuureducatie: landelijk, provinciaal en lokaal;
  • is vertrouwd met de scenario’s van Hart/d voor cultuur en kan die toepassen binnen de school;
  • kan verbinding leggen tussen de eigen beleving van, en de visie op cultuureducatie;
  • heeft inzicht in het beschikbare cultuureducatieve aanbod op lokaal, provinciaal en landelijk niveau;
  • kan aanbod koppelen aan de visie van de school, aan het onderwijsconcept en aan het schoolprogramma;
  • kan de huidige en de gewenste situatie op het gebied van cultuureducatie voor de eigen school inzichtelijk maken – bijvoorbeeld met behulp van het Cultuurkompas.

Cultuur in perspectief

De cultuurcoördinator:

  • heeft inzicht in de benodigde competenties om cultuuronderwijs op de school succesvol te maken;
  • heeft kennis van en inzicht in ontwikkelingen die verband houden met cultuureducatie, zoals doorgaande leerlijnen, brede school en buitenschoolse opvang;
  • zorgt voor draagvlak binnen de school; coacht en adviseert collega’s;
  • stelt de juiste vragen aan cultuuraanbieders zodat de cultuureducatieve producten worden gekozen die daadwerkelijk passen bij de school en het lesprogramma;
  • is in staat om een culturele activiteit te analyseren en te beoordelen op educatieve toepassingen en relevantie binnen de eigen school.

Cultuur in mijn school

De cultuurcoördinator:

  • is in staat om een meerjarig cultuurbeleidsplan en een cultureel actieplan te maken en de visie te vertalen naar concrete activiteiten;
  • is in staat om actoren te bewerken die nodig zijn om de visie van de school gestalte te geven;
  • heeft inzicht in de beschikbare budgetten voor cultuureducatie;
  • neemt deel aan netwerken binnen cultuureducatie.

 

Wat wordt bedoeld met buitenschoolse cultuureducatie?

Doelbewust leren over en met kunst, erfgoed en media via gerichte instructie in de vrije tijd. Bijvoorbeeld bij centra voor de kunsten, culturele instellingen, amateurkunstverenigingen, particuliere docenten.

Wat wordt bedoeld met cultuureducatie?

Doelbewust leren over en met kunst, erfgoed en media via gerichte instructie, zowel binnen- als buitenschools.

Wat wordt bedoeld met cultuuronderwijs (binnenschoolse cultuureducatie)?

Het algemeen vormend onderwijs in kunst, erfgoed en media.

Wat wordt bedoeld met erfgoededucatie?

Doelbewust leren over en met materieel en immaterieel erfgoed via gerichte instructie, zowel binnen- als buitenschools. Daarbij doen leerlingen aan de hand van sporen uit het verleden kennis en vaardigheden op en ontwikkelen zij inlevingsvermogen en persoonlijk, cultureel en historisch bewustzijn.

Wat wordt bedoeld met kunsteducatie?

Doelbewust leren over en met kunst via gerichte instructie, zowel binnen- als buitenschools. Kunsteducatie kent drie aspecten die al dan niet gezamenlijk voorkomen: productie (kunst maken), receptie (kunst beschouwen) en reflectie (nadenken over kunst).

Wat wordt bedoeld met kunstvakonderwijs?

Onderwijs tot uitvoerend, scheppend en toegepast werkend kunstenaar en tot kunstvakdocent aan erkende hbo-kunstopleidingen.

Wat wordt bedoeld met media-educatie?

Doelbewust leren over en met media, zowel binnen- als buitenschools. Media-educatie leert mensen kundig en kritisch omgaan met (massa)media.

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 0 / 5. totaal 0