Plananalyse aanvragen matchingsregeling Cultuureducatie met Kwaliteit 2013-2016

Rapportage voor het Fonds voor Cultuurparticipatie
Hoe willen culturele instellingen, provincies en gemeenten de kwaliteit van cultuureducatie versterken?
LKCA Publicatie
Gepubliceerd:
Deel dit artikel

Het LKCA analyseerde de 53 aanvragen voor de regeling Cultuureducatie met Kwaliteit van het Fonds voor Cultuurparticipatie. Het doel is inzicht te krijgen in de samenhang van activiteiten, doelstellingen, doelgroepen, samenwerking met scholen en andere partners, aanpak van activiteiten en manier van monitoring en evaluatie.

Activiteiten en cultuuruitingen

Culturele instellingen konden aanvragen doen voor vier soorten activiteiten: ontwikkeling van het curriculum (doorgaande leerlijnen), deskundigheidsbevordering, relatie school-omgeving en beoordelingsinstrumenten. De eerste twee worden het meest genoemd. De 53 aanvragen bevatten in totaal 171 verschillende activiteiten.

Aanvragers en uitvoerders

Provincies en gemeenten kozen als aanvrager veelal voor een culturele instelling waar zij al een directe subsidierelatie mee hebben. In de helft van de gevallen is de matchingsregeling de facto een subsidieregeling voor centra voor de kunsten. Dit feit verdient bijzondere aandacht bij de monitoring en evaluatie van de regeling.

Verdeling van het budget

Voor de ontwikkeling van het curriculum trekt men het meeste geld uit: jaarlijks gemiddeld € 200.000 per aanvrager. Daarna volgen deskundigheidsbevordering (71.000), relatie school-omgeving (73.000) en beoordelingsinstrumenten (36.000).

Samenhang in activiteiten

In driekwart van de aanvragen bestaat een duidelijke samenhang tussen de activiteiten. Bepalend onderdeel in die samenhang is bijna altijd de ontwikkeling van het curriculum. Activiteiten op het vlak van deskundigheidsbevordering zijn daar in de meeste gevallen direct van afgeleid.

Probleemstelling als grondslag voor de aanvraag

Een derde van de aanvragers formuleert een duidelijke probleemstelling voor de voorgenomen activiteiten. Meestal legt de aanvrager problemen met de kwaliteit van cultuureducatie bij de leerkracht en de school. De aanvrager wil de scholen daarbij gaan helpen, maar hoe ze die kwaliteit precies willen bereiken is vaak onduidelijk.

Doelen en doelbereikingscriteria

Bij de meeste activiteiten worden concrete doelen genoemd. Daarbij gaat het echter vaker om het bereik, zoals het aantal scholen en leerkrachten, dan de inhoud. Dit pleit ervoor om de aanvragers te stimuleren om meer inhoudelijke criteria te ontwikkelen.

Aanpak vanuit school of culturele instelling

De meeste activiteiten (44%) gaan uit van de situatie van de culturele instelling. Een derde deel gaat uit van de situatie van de school. Bij ruim een vijfde is het onduidelijk. Bij de monitoring en evaluatie zijn de aanbodgerichte en vraaggerichte activiteiten goed met elkaar te vergelijken.

Voorbeeldwerking

Met 42% van de activiteiten wordt door de aanvragers een voorbeeldwerking nagestreefd en met 36% niet. De meeste aanvragers hebben daarbij andere scholen en culturele instellingen op het oog. Het FCP kan stimuleren dat aanvragers de beoogde voorbeeldwerking beter doordenken en al dan niet gezamenlijke initiatieven gaan ontwikkelen.

Monitoring en evaluatie

De helft van de aanvragers heeft geen specifiek monitoringtraject opgenomen. Vier vijfde deel geeft wel een specifieke toelichting op de tussentijdse evaluatie en eindevaluatie. De meeste aanvragers willen externe partijen inschakelen bij de monitoring en evaluatie van hun activiteiten.

Activiteiten LKCA

De activiteiten van het LKCA in het kader van het programma Cultuureducatie met Kwaliteit zijn onder meer te zien in de onderstaande presentatie (dia 22-25).


Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 0 / 5. totaal 0

Reageer

Uw bericht kan gewijzigd worden door de beheerder
Reacties (0)