Maak meer ruimte voor creativiteit: het belang van brede ontwikkeling van leerlingen

Bijgewerkt op:
Gepubliceerd:
Deel dit artikel
Als de prestaties op taal en rekenen tegenvallen, is ‘méér aandacht voor taal en rekenen’ een voor de hand liggende reactie. De nieuwste PISA-resultaten maken die discussie opnieuw actueel. Maar wie basisvaardigheden duurzaam wil versterken, moet verder kijken dan taal- en rekenonderwijs alleen. Juist de brede ontwikkeling en het welbevinden van leerlingen zijn van belang. Kunst- en cultuuronderwijs heeft daarin een belangrijke plek.

Uit het nieuwste PISA-onderzoek1 blijkt dat de leesvaardigheid van Nederlandse 15-jarigen opnieuw is gedaald. Het niveau is nu het laagste in 26 jaar. Inmiddels haalt 39 procent van de leerlingen het basisniveau voor leesvaardigheid niet. Ook in vergelijking met omringende landen scoren Nederlandse leerlingen laag. De scores op het gebied van wiskunde en natuurwetenschappen zijn ongeveer gelijk gebleven.

Samen met Méér Muziek in de Klas, Kunsten ’92, Cultuurconnectie en Fonds voor Cultuurparticipatie roepen wij daarom op: maak méér ruimte voor creativiteit! Een brede ontwikkeling draagt namelijk bij aan betere leerprestaties, artistieke- en basisvaardigheden en sociaal emotioneel welbevinden van leerlingen. Kunst- en cultuuronderwijs is een belangrijk onderdeel van die brede ontwikkeling.

Meer dan taal en rekenen alleen is niet genoeg

Er is veel onderzoek gedaan naar de relatie tussen kunst- en cultuuronderwijs, basisvaardigheden en sociaal-emotionele ontwikkeling. Een deel daarvan komt voort uit de behoefte om kunst- en cultuuronderwijs te legitimeren. Zeker wanneer kunst- en cultuuronderwijs budgettair of politiek onder druk staat, wordt onderzoek naar mogelijke effecten op bijvoorbeeld taal, rekenen en leerprestaties gebruikt om het belang ervan te onderbouwen. Dat is begrijpelijk. Wanneer de prestaties op basisvaardigheden dalen, ontstaat al snel de neiging om méér onderwijstijd aan taal en rekenen te besteden.

Tegelijkertijd laten de nieuwe PISA-resultaten zien dat het verbeteren van basisvaardigheden een lastige opgave blijft. Goed taal- en rekenonderwijs blijft nodig als je de basisvaardigheden wilt verbeteren. Maar het is ook belangrijk om te kijken naar hoe leerlingen leren, zich ontwikkelen en gemotiveerd blijven. Dat vraagt om aandacht voor het curriculum als geheel en mag niet ten koste gaan van de brede ontwikkeling van het kind.

Brede ontwikkeling en welbevinden

Kunstvakken dragen bij aan de brede ontwikkeling van kinderen. Bezig zijn met bijvoorbeeld theater of beeldende kunst biedt ruimte voor expressie, ontspanning en het omgaan met emoties. Verschillende onderzoeken wijzen op een relatie tussen kunst- en cultuuronderwijs en gedrag, welbevinden en empathie.

De nieuwste PISA-resultaten bevatten op dit punt ook positief nieuws. Nederlandse leerlingen zijn behoorlijk tevreden over hun leven en algemeen welbevinden en beoordelen dit gemiddeld met een 7,6. In geen van de onderzochte omringende landen ligt die tevredenheid hoger. Kunstvakken kunnen bijdragen aan aandacht voor dit welbevinden en de brede ontwikkeling van leerlingen.

Basisvaardigheden

Ook bij de ontwikkeling van basisvaardigheden kunnen kunst en cultuur een rol spelen. Daarvoor worden vaak twee benaderingen onderscheiden: transfer en integratie.

Bij transfer gaat het om de vraag of vaardigheden die leerlingen binnen kunstonderwijs ontwikkelen, ook helpen op andere gebieden. Verschillende onderzoeken laten zien dat structureel, op zichzelf staand kunstonderwijs bijvoorbeeld vaardigheden als aandacht, plannen en zelfbeheersing kan versterken. Die vaardigheden kunnen weer bijdragen aan leerprestaties.

Bij integratie worden kunstvakken bewust verbonden met andere leergebieden. Ook daar zijn positieve effecten zichtbaar. Een voorbeeld is het Meetkunst-project (Projectteam Meetkunst, 2018), waarin beeldende kunst werd verbonden met meetkundeonderwijs. Onderzoek van Jansen (2020) en Holochwost et al., (2017) laat zien dat muziek kan bijdragen aan taalverwerking en taalvaardigheid. Todhunter-Reid (2019) en Ingram & Riedel (2003) vonden positieve verbanden tussen kunst- en cultuuronderwijs en basisvaardigheden zoals lezen en rekenen.

Geen eenvoudige oorzaak-gevolgrelatie

Daarbij is nuance belangrijk. Niet alle onderzoeken vinden een even sterk verband tussen kunsteducatie en basisvaardigheden. Sommige onderzoekers concluderen dat er onvoldoende sterk bewijs is voor een direct oorzakelijk verband. Anderen wijzen op methodologische beperkingen in onderzoek waarin wel positieve effecten werden gevonden. We kunnen daarom niet stellen dat méér kunst- en cultuuronderwijs automatisch leidt tot betere taal- of rekenprestaties.

Verschillende onderzoekers vinden bovendien dat kunst- en cultuuronderwijs niet uitsluitend hoeft te worden gelegitimeerd vanuit mogelijke effecten op andere vakken. Kunsteducatie heeft een intrinsieke waarde. Leerlingen ontwikkelen er artistieke vaardigheden, verbeeldingskracht en andere manieren van maken en denken.

Kijk naar het curriculum als geheel

Wie de leerprestaties en het welbevinden van kinderen duurzaam wil verbeteren, moet dus naar het hele curriculum kijken. Goed taal- en rekenonderwijs blijft essentieel, maar dat moet niet ten koste te gaan van de brede ontwikkeling van kinderen. Kunst- en cultuuronderwijs is een belangrijk onderdeel van die brede ontwikkeling. Daarom is onze oproep: maak meer ruimte voor creativiteit.

Bekijk de gezamenlijke oproep van Méér Muziek in de Klas, Kunsten ’92, Cultuurconnectie en Fonds voor Cultuurparticipatie.

Meer lezen? We hebben een aantal bronnen voor je op een rijtje gezet.

1 https://ris.utwente.nl/ws/portalfiles/portal/564056855/Resultaten_PISA-2025_in_vogelvlucht.pdf

Literatuurlijst

(samengesteld door Petra Faber & Leontine Herschoe) 

Vond je dit artikel interessant?

Gemiddelde 5 / 5. totaal 1

Reageer (je reactie verschijnt na goedkeuring, vanwege spam)

Reacties (0)
Bijgewerkt op:
Gepubliceerd:
Deel dit artikel