Beleidsplan schrijven

Beleidsplan schrijven

Een beleidsplan schetst de koers, de doelstellingen van de vereniging of stichting, en de manier waarop je die doelstellingen wilt bereiken. Wat kernmerkt je organisatie? Waarin is je vereniging bijzonder? Welke artistiek product wil je presenteren? Hoe wil je le als organsiatie de komende jaren ontwikkelen? Wat heb je daarvoor nodig? Op dit soort vragen geeft het beleidsplan antwoord. Aanvullend op je beleidsplan stel je per jaar een werkplan op met de concrete activiteiten.

Waarom een beleidsplan?

Met een beleidsplan en werkplan weet iedereen binnen de organisatie waar hij of zij aan toe is. Je schrijft een beleidsplan doorgaans voor een periode van vier jaar. Je kunt hierin bijvoorbeeld inspelen op het gemeentelijk cultuurbeleid op het gebied van amateurkunst. Na die vier jaar evalueer je met elkaar in hoeverre het beleidsplan is uitgevoerd, of het nog actueel en bruikbaar is, of aangepast moet worden. 

Inhoud beleidsplan: De stand van zaken

Om toekomstplannen te kunnen maken kijk je eerst naar de huidige situatie. Vragen die daarbij kunnen helpen zijn: 

Artistiek

  • Hoe heeft de artistieke leiding gepresteerd en zich ontwikkeld?
  • Hoe hebben de deelnemers/leden gepresteerd en zich ontwikkeld?
  • Hoe was het niveau van de uitvoeringen of presentaties?
  • Was het gepresenteerde aantrekkelijk en haalbaar?
  • Hoe was de belangstelling van het publiek? Hoe verliep de samenwerking met derden?

Organisatorisch

  • Hoe heeft het bestuur als geheel en hoe hebben de bestuursleden afzonderlijk gefunctioneerd?
  • Waren de financiële middelen toereikend? Heeft het gezelschap ‘verdiend’ of juist ingeteerd op de reserves?
  • Hoe functioneerde de publiciteit? Was het juiste materiaal tijdig beschikbaar?

Leden, deelnemers

  • Hoe was de sfeer bij de leden/deelnemers?
  • Hoe was de betrokkenheid van de leden bij het gezelschap?
  • Hoe was de opkomst bij repetities, uitvoeringen en presentaties?

Publiek

  • Wat vond het publiek van de kwaliteit? Zijn uitvoeringen goed bezocht?
  • Hoe was het contact met andere gezelschappen, personen en instanties?
  • Welke belangrijke gebeurtenissen of ontwikkelingen deden zich voor?

Daarna kun je de volgende stappen zetten:

  • Daarna kun je de volgende stappen zetten:
  • Formuleer kort en krachtig sterke punten en verbeterpunten.
  • Maak kansen en bedreigingen concreet.
  • Indien nodig: formuleer missie en visie.
  • Met de sterke punten en de verbeterpunten in de hand kun je alvast aan de slag met de concrete doelen die je je als organisatie stelt. Daarna kun je ze in het werkplan opnemen en een begin maken met de uitvoering.

Missie en visie

Een missie is een kort en krachtig statement dat uitdrukt waar het gezelschap voor staat. Het is belangrijk dat alle betrokkenen er in meer of mindere mate achter staan. Een duidelijke missie helpt de direct betrokkenen zich te binden. 

Doelen

Formuleer de kerndoelen voor het beleid van de komende jaren en kijk hoe de doelen vertaald kunnen worden naar activiteiten. Voorbeelden van kerndoelen:

  • Kerndoel 1 (artistiek): het realiseren van een ontwikkelingslijn op het gebied van repertoire.
  • Kerndoel 2 (artistiek, beleid): het realiseren van een effectief scholingstraject voor nieuwe en zittende leden. 
  • Kerndoel 3 (organisatie en publiciteit): het realiseren van een effectief netwerk op het gebied van publiciteit. 
  • Kerndoel 4 (organisatie en publiciteit): het organiseren van succesvolle concerten.

Je kunt kerndoelen ook nog uitwerken in subdoelen, door bijvoorbeeld concrete stappen uit te splitsen.