Naar het museum met leerlingen met autisme en ADHD? Handige tips en handvatten

sociallinksheader

Volg ons
  • linkedin
opinie

Naar het museum met leerlingen met autisme en ADHD? Handige tips en handvatten

opinie

auteur
Saskia Nyst
datum
29 maart 2018
Door Saskia Nyst • 29 maart 2018 • Leestijd: 4 min

Met leerlingen met ADHD of ASS naar het museum? Dat kan een heel goed idee zijn. Een museum is voor hen misschien wel dé plek om te leren, schrijft Saskia Nyst. Lees haar praktische adviezen om een museumles tot een succes te maken. Belangrijkste tip: kijk bij deze kinderen vooral ook waar zij goed in zijn!

Drieënhalf jaar geleden werd de wet Passend Onderwijs ingevoerd. Sindsdien zitten er regelmatig kinderen met ADHD en/of Autisme Spectrum Stoornis (ASS) in het regulier onderwijs. En daarmee ook in de museumlessen. Dat is meestal heel leuk: Kinderen met ADHD zijn vaak ontzettend enthousiast en kinderen met ASS willen soms van alles over een onderwerp weten. Maar het kan ook een uitdaging zijn. Want:

  • Hoe zorg je ervoor dat het enthousiaste kind met ADHD niet de hele les overneemt en hoe kap je dat kind met ASS af als hij maar blijft doorpraten over dat zwaard daar linksachter op het schilderij? 
  • Hoe voorkom je dat het kind met ASS overprikkeld raakt in het drukke museum en daardoor dichtslaat of de les verstoord? 
  • Hoe krijg je het voor elkaar dat het kind met ADHD rustig blijft luisteren naar wat je te vertellen hebt in plaats van weg te lopen of de clown uit te hangen? 

Om die vragen te beantwoorden, heb ik handvatten voor begeleiders opgesteld die voor alle leerlingen van de klas handig zijn maar die voor leerlingen met ASS en/of ADHD het verschil kunnen maken tussen een negatieve en een succeservaring in een museum. En dat is waardevol. Want een museum is misschien wel dé plek voor een kind met ADHD en/of ASS om te leren: een non-formele leeromgeving waarin het leren zowel verbaal als non-verbaal kan zijn, hands-on en hands-off, samen of alleen, luid of stil, direct of onderzoekend. Een omgeving die soms beter bij het kind past dan de formele leeromgeving van een klas. 

Desondanks zijn niet alle museumdocenten, rondleiders en publieksmedewerkers getraind in het omgaan met deze doelgroep. En dat kan frustratie met zich meebrengen. Kinderen worden bijvoorbeeld ten onrechte als vervelend bestempeld terwijl er andere dingen aan het ‘vervelende’ gedrag ten grondslag liggen, zoals het vergeten van regels (kinderen met ADHD en/of ASS hebben vaak problemen met het onthouden van dingen in het werkgeheugen) of het niet begrijpen van een instructie. En is een hyperactief kind vervelend als hij blijft wiebelen op zijn plek of kan hij daar niks aan doen? En kunnen we hier in de museumles op aanhaken? 

Een passende museumles: hoe moet dat?

Met een aantal simpele (en kosteloze) aanpassingen is het haalbaar om in elk museum elke museumles passend te maken voor alle leerlingen. Want in het regulier onderwijs zitten immers ook kinderen zonder diagnose in de klas. Bovendien zijn de verschillen tussen en binnen de doelgroep ontzettend groot. Er hoeft niet perse een speciale les ontwikkeld te worden voor kinderen met ADHD en/of ASS maar de randvoorwaarden van het museumbezoek moeten wel passend zijn. 

Deze randvoorwaarden slaan op de omgeving (waar is de les), de structuur (wat is de opbouw van de les) en de instructies van de museumdocent (hoe spreek je de doelgroep aan). Aanpassingen in de omgeving kunnen zijn: het inplannen van de les op publieksluwe momenten, het verkleinen van groepen, het plaatsen van een druk kind naast een minder druk kind en het vermijden van heftige parfums en drukke outfits. Hierdoor zullen kinderen met ASS en ADHD minder snel overprikkeld raken door drukte en andere sensorische prikkels zoals geluid en geur.

Aandacht aan de opbouw van een rondleiding of workshop is essentieel bij deze doelgroep. Kinderen met ASS hebben vaak moeite met onbekende situaties en zullen, meer dan andere kinderen, moeite hebben met het gegeven dat ze normaal op dinsdagochtend rekenen hebben en dan opeens naar een (onbekend) museum gaan. 
Daarom is het goed om van tevoren op school kinderen op het bezoek voor te bereiden, al dan niet met behulp van een museumscript

Daarnaast is het belangrijk om aan het begin van de museumles aandacht te besteden aan wat er die les gaat gebeuren. Bijvoorbeeld: We gaan zo door die deur naar binnen. Binnen gaan we ongeveer vijf schilderijen bekijken in verschillende zalen. Soms doen we daar een korte opdracht bij. Om half twaalf zijn we weer klaar en dan gaan jullie terug naar school. 

Spreek in duidelijke verwachtingen 

Ten slotte is het belangrijk om je bewust te zijn van de manier waarop je de klas aanspreekt: wat vertel je en welke opdrachten doe je, hoe zijn je instructies opgebouwd en hoe gebruik je je stem. Kinderen met ASS nemen instructies vaak letterlijk en hebben moeite met het begrijpen van non-verbale communicatie. Spreek daarom in duidelijke verwachtingen.

Wanneer je zegt wat er niet mag, betekent dat niet dat het voor een kind duidelijk is wat er wel mag. Doordat kinderen met ADHD en ASS vaak moeite hebben met het onthouden van zaken, is het bijvoorbeeld ook handig om regels en instructies te herhalen en om instructies kort te houden. Variatie is stemgebruik en een enthousiaste vertelstijl houdt de aandacht bij de museumles. Voor iedereen leuk en extra handig als je moeite hebt met de aandacht erbij te houden. En bijvoorbeeld een opdracht waarbij je moet bewegen kan leuk zijn voor een kind dat moeite heeft met stilzitten. 

Want om een museumles passend te maken moet je niet alleen maar kijken naar waar kinderen met ADHD en ASS moeite mee hebben maar vooral ook naar waar zij juist goed in zijn.

Hoe kan de museumles en de voorbereiding daarvan passend gemaakt worden? Over dit onderwerp schreef Saskia Nyst ook een veel uitgebreider artikel

De autismegids die Saskia Nyst voor het Tropenmuseum junior schreef ontving de autismevriendelijkheidsprijs van de Nederlandse Vereniging voor Autisme. Dit is een prijs voor een organisatie die zich inzet om toegankelijk te zijn voor mensen met autisme.


ck