Onderwijsvernieuwing moet niet gaan over de toekomst, maar om dit kind, vandaag

Gastblog

Gastblog Klaas Mulder
auteur
Klaas Mulder
datum
26 januari 2015

Is de waarde van onderwijs wel in de toekomst gelegen? Immers, door de digitale revolutie mogen we ons hele leven kind blijven, stelt filosoof, docent en adviseur Klaas Mulder. En: ‘Minstens zo belangrijk is dat we in 2032 niet zoveel hebben aan kinderen die hebben moeten leren wat de educatieve elite in 2015 belangrijk vond.’ Hoe doordacht is de door staatssecretaris Dekker gestarte campagne Onderwijs 2032 voor vernieuwing van het onderwijs?

Onderwijs2032: zege voor de kunsteducatie?

Onlangs gaf staatssecretaris Sander Dekker het startschot voor een grootschalige campagne, Onderwijs2032, waarin het hele curriculum van ons funderend onderwijs (primair en voortgezet onderwijs) op de schop mag. Er is gekozen voor hippe media als twitter en Youtube om ideeën uit de samenleving te verzamelen. De kernvraag is deze:

Een kind dat in 2014 voor het eerst naar school gaat, solliciteert rond 2032 naar een eerste baan. Leert dit kind nú op school wat het dan nodig heeft om een vliegende start te maken? En hoe bereiden basisscholen en middelbare scholen kinderen optimaal op deze uitdagingen voor?

In een startdocument heeft het Nationaal Expertisecentrum Leerplanontwikkeling (SLO) helder uiteengezet waarom het nodig is om het huidige onderwijs kritisch onder de loep te nemen. De belangrijkste reden is, dat onderwijs meer gericht zou moeten zijn op het ontwikkelen van 21th century skills, eenentwintigste-eeuwse vaardigheden, zoals creativiteit, probleemoplosvaardigheden en samenwerken.

Docenten kunsteducatie zullen er de vingers bij aflikken. Waar in het huidige basisonderwijs bijna alle aandacht gericht was op taal en rekenen, en er pas serieus ruimte kwam voor het maken van muziektheater na het afronden van de Citotoets, wordt de groep acht-musical nu de parel in de onderwijskroon. Kunstdocenten in het voortgezet onderwijs mogen straks vakken geven die niet alleen meer ‘onder de streep’ staan, maar die zelfs het hart van eigentijds onderwijs gaan vormen.

Verschillende deelnemers aan de campagne benadrukken dan ook dat kunstonderwijs een veel sterkere positie moet krijgen in het nieuwe basis- en voortgezet onderwijs. Hun bijdragen hebben wel iets van het wc-eend-effect (kent u hem nog: wij van wc-eend adviseren wc-eend?). Ook anderen hebben de kans om te lobbyen ontdekt. De ICT, techniek, burgerschap, duurzaamheid, globalisering, seksualiteit, zorg, voor zo’n beetje elk onderwerp staan er belangenorganisaties klaar om aan te geven dat hun kunstje een plek moet krijgen in de verplichte stof voor elk kind. Ik hoorde eens dat er op enig moment 27 verschillende ‘educaties’ werden aangeboden. Al die groepen die eerst de leerkracht met lesbrieven bestookten melden zich nu bij het ministerie om hun thema op de nationale onderwijsagenda te krijgen.

Onderwijs als 'last chance Texaco'

Maar missen we niet de hele pointe van de reden om het onderwijs te veranderen? Ik denk dat we fundamenteel moeten stilstaan bij de vraag, of de waarde van onderwijs wel in de toekomst gelegen is. Onderwijsvernieuwers komen niet los van de gedachte dat de school een soort Last chance Texaco is, het laatste benzinestation voor je de woestijn in rijdt. In het verleden was het nodig om kennis en vaardigheden in kinderen op te slaan omdat het behoorlijk ingewikkeld was om ze nog te verzamelen na het verlaten van de school. De school was gericht op later, als je groot bent.

Maar door de digitale revolutie mogen we ons hele leven kind blijven. Het onderwijs mag ophouden er voor later te zijn. Dat is om twee redenen heel belangrijk. Jonge mensen leven per definitie in het nu, en een tekort aan hedendaagsheid in het onderwijs kan ze ziek en ongelukkig maken. Waarom zou je muziek leren ‘voor later’ als je, nu ook gewoon plezier kan hebben aan de liedjes die je kent? Waarom zou je nu de computerprogramma’s moeten leren die over drie jaar al verouderd zijn, als je ook kan leren hoe je een website maakt waarmee je nu je foto’s aan je vrienden kan laten zien? Je kunt alleen plezier krijgen in leren als je vandaag al merkt dat je gisteren iets nuttigs hebt gedaan.

Elite-vaardigheden

Minstens zo belangrijk is dat we in 2032 niet zoveel hebben aan kinderen die hebben moeten leren wat de educatieve elite in 2015 belangrijk vond. Wat die elite de 21ste eeuwse vaardigheden noemen is niet meer dan een opsomming van wat leden van die elite zelf kunnen – of zouden moeten kunnen. Het is maar zeer de vraag of er in 2032 een arbeidsmarkt is die grote aantallen pratende, samenwerkende creatievelingen kan absorberen. Door het werk aan mijn boek Pakkenproletariaat, een studie naar de opkomst en ondergang van de witte-boordensector, ben ik daar niet zo zeker van. Optimisten denken dat robots het eenvoudige werk vervangen en het creatieve werk aan mensen over laten, maar het is maar zeer de vraag of dat dan ook betaalde banen oplevert; ondersteund door ict kunnen burgers heel veel zelf. Ik denk zelf dat het meeste mensenwerk behouden blijft in wat ik de schorteneconomie noem: werk met een combinatie van ambachtelijkheid en dienstverlening.

Het heeft niet zoveel zin om op zoek te gaan naar de dingen die alle kinderen moet leren voor later. Het hele idee van een educatieve canon is prettig voor beleidsmakers, die graag aan één stuur willen draaien. Het is prettig als je leerplannen wilt schrijven, en schoolboeken op een lijst wilt zetten, en toetsen wilt standaardiseren. Maar met de moderne middelen is zo’n monistisch onderwijsmodel helemaal niet nodig. Als het ene kind liever Swahili leert dan Frans, is dat bijna moeiteloos te organiseren.

Kunstdocenten kunnen de campagne van Dekker gebruiken om hun kunstje op de lijst van voor iedereen verplichte stof te krijgen. Maar ik denk dat we iets belangrijkers te bieden hebben: wij snappen dat leren altijd een persoonlijk groeiproces is dat begint bij het begin, en nooit bij het eind. Onderwijsvernieuwing moet niet gaan over de toekomst voor allen, maar om dit kind, vandaag. Dat is wat kunstdocenten meer dan wie ook in de vingers hebben: individuen begeleiden bij het vertellen van hun eigen verhaal en het vormgeven van hun eigen stijl. Misschien wil Dekker het van ons leren.

Klaas MulderKlaas Mulder is filosoof, docent social work aan de Hogeschool Utrecht en zelfstandig adviseur en publicist.