Middagsessie 9 - Excellente scholen

Twee scholen die uitgeroepen waren tot excellente scholen hielden een presentatie hoe zij omgaan met cultuureducatie op hun school. Twee van de juryleden, beiden oud-inspecteur van onderwijs vertelden over de procedure en jurering voor excellente scholen.

Het Keizer Karel College uit Amstelveen had al ervaring met projectonderwijs als technasium en is sinds een paar jaar begonnen om dit ook toe te passen in de onderbouw. Er is inmiddels twee jaar ervaring opgedaan, volgend jaar komt de hele onderbouw aan bod. Het project heeft voor de havo de naam ‘desingschool’ meegekregen en wordt door de cultuursectie samen met informatiekunde verzorgd. Voor het vwo wordt er naast informatiekunde ook samengewerkt met het vak Frans en heeft het de naam ‘l’academie des beauxarts’ meegekregen. De projecten worden gehouden in de toetsweken van de bovenbouw en krijgen een thema mee. Een belangrijk leermoment voor de docenten zelf was het effect op leerlingen om in een dergelijk project te werken: “Leerlingen komen tot een goede mindset doordat ze de hele dag aan een project kunnen werken”.

Bij het Cals College uit Nieuwegein staat Bildung centraal en is er al veel ruimte voor cultuur. De excellentie voor de school is gegeven aan de hand van de profilering als ‘lerende organisatie’, en dit gegeven heeft de cultuurcoördinator ook gebruikt om projecten voor cultuur mogelijk te maken. Belangrijk uitgangspunt voor de cultuurvakken is “laat leerlingen leren”. Het hoeft niet ‘leuk’ te zijn wat leerlingen doen, maar het moet zinvol en betekenisvol zijn. Als het dan ‘leuk’ is, is dat mooi meegenomen. Het Cals College kent een kerngroep met een taakverdeling, waardoor niet alles afhankelijk wordt van de cultuurcoördinator. Het advies was om er voor te zorgen dat het eigenaarschap bij het team komt te liggen en alle kunstdocenten een aantal keren per jaar bij elkaar te brengen om inhoudelijk en praktisch met elkaar af te stemmen. En de belangrijkste tip: “Laat het zien en horen: leerlingen aan elkaar, leerlingen aan ouders, kunstdocenten aan elkaar”.