De Kunst van... Linda Rosink

Interview

Linda Rosink
auteur
Angela van Dijk
datum
2 mei 2017

‘Ik ben een opstarter, ontwikkel met plezier nieuwe initiatieven, maar als die staan, draag ik ze graag over’. Aan het woord is Linda Rosink, cultureel ondernemer en kunstdocent. Ze werkt met kinderen, ouderen, geeft trainingen aan leerkrachten, ontwikkelt projecten voor scholen en haar eigen buurt, maar ook in Afrika, maakt cursusboeken en toolboxen. Het ondernemende zit in haar bloed, het is zoals ze zelf zegt, een ‘mindset’.

‘Mensen vragen vaak naar de ‘gouden tips’, maar die zou ik soms zelf ook wel willen krijgen. Veel dingen doe ik op mijn eigen manier, ik zou het niet eens kunnen benoemen. Het ondernemerschap zit er blijkbaar ingebakken, het komt natuurlijk.’  Het gesprek vindt plaats in De Saffier, een voormalig verzorgingstehuis in Tolsteeg in Utrecht. Het gebouw huisvest nu zowel ouderen als jongeren en kleine ondernemers. Stichting Kopa, het bedrijf van Linda en haar creatieve partner Manja Eland, is gevestigd in het ‘mortuarium’, waar overigens niets meer doet herinneren aan de oorspronkelijke bestemming. 

Richting kiezen

‘Nadat ik van de kunstacademie afkwam met een afgeronde modevakopleiding op zak, had ik eigenlijk weinig keuze: voor jezelf beginnen als ontwerper of werken voor een groot label. Maar dat was niet wat ik wilde, het was te veel op het uiterlijk gericht, terwijl ik ook iets voor het innerlijk van mensen wilde betekenen. ‘Toen kruiste de BIK-opleiding (Beroepskunstenaar in de klas) mijn pad en die kans heb ik meteen aangegrepen, vond het leuk om les te geven. Het was wel “being at the right time in the right place”, want door allerlei tv-programma’s zoals Project Runway was mode opeens “hot” en hip. Ik hoefde niet echt te leuren met project-ideeën, het ging vrij gemakkelijk.’ Maar lesgeven alleen was niet voldoende, het onderwijs creëerde voor Linda meteen de volgende uitdagingen. ‘Als freelancer had ik van alles en nog wat gedaan: cursussen op scholen, workshops met ouderen, jongeren enzovoort.  Dat vond ik leuk, maar ook op een of andere manier niet bevredigend, je biedt alleen maar losse activiteiten aan, er blijft zo weinig achter.’

Van partnerschap tot toolbox

Ook was Linda er ondertussen van overtuigd dat als je succesvol iets met cultuur in het onderwijs wilt doen, dat onderdeel van het hele curriculum moet zijn. Maar dat moest dan verder ontwikkeld worden, liefst samen met de basisscholen. Dit was de aanleiding voor de oprichting van Stichting Kopa, zodat ze bij de gemeente een projectsubsidie konden aanvragen.  ‘Zo ontstond het Creatief Partnerschap: samen met de leerkrachten van drie basisscholen een eigen leerlijn ontwikkelen, dat was heel productief. En daaruit ontstonden nog meer nieuwe producten en diensten, zoals trainingen en visietrajecten.’ Voor dat laatste maakten ze de toolbox ‘Dot, 3e boom rechts’, waarmee schoolleiders, creatieve partners en culturele instellingen worden geholpen om een visie op cultuureducatie te ontwikkelen. 

De buurt en Artshake

Dat ook flexibiliteit belangrijk is bij ondernemerschap wordt wel duidelijk uit Artshake, een project dat Linda samen met Barbara van Beers ontwikkelde toen Utrecht meedeed aan de ‘race’ voor culturele hoofdstad 2018. De eisen waren dat er iets gedaan moest worden met verschillende generaties, er moest gewerkt worden op wijkniveau en er moest een link met Europa zijn. Leeuwarden won de race en het plan verdween in de la. Totdat Stichting Kopa op zoek ging naar een kantoorruimte. ‘Ik woon in Tolsteeg en wilde weten wie er in mijn buurt woonde, maar ook graag wortelschieten als creatief ondernemer. Heb mij toen aangesloten bij een ondernemersvereniging, waar ik een tijdje voorzitter van ben geweest. Hierdoor deed ik veel contacten op en hoorde al snel van de plannen met De Saffier, het gebouw waar we nu zitten. De stichting kon hier meteen ruimte huren, maar we zagen opeens ook de kans om hier het oorspronkelijke idee voor culturele hoofdstad uit te voeren. Alle elementen waren aanwezig: de buurt, de verschillende generaties, het Europese tintje door een Europese kunstenaar een paar maanden in het pand te laten wonen en werken. Het was een leuk plan, sloeg een brug tussen de generaties in het gebouw, bood sociale en culturele activiteiten en zorgde voor wat reuring. Heb het voorgelegd aan de woningbouwcorporatie, die vonden het een prima idee, dus subsidie aangevraagd, creatieve partners gezocht en we konden starten.’

Netwerken cruciaal

Kansen zien en deze omvormen tot succesvolle projecten is een kant van het ondernemerschap, maar wat ziet Linda verder nog als belangrijke voorwaarde voor succes? ‘Als ondernemer is netwerken heel erg belangrijk. Veel mensen vinden dat lastig of moeilijk, maar eigenlijk is het niets anders dan je bestaande contacten goed onderhouden. Door gewoon regelmatig een berichtje te sturen via Facebook, of een mailtje, of een kopje koffiedrinken en vooral belangstelling te tonen voor die ander. Zo ben ik ook tot een van mijn Afrikaanse projecten gekomen: een uitwisseling met docenten uit Johannesburg. Iemand die ik kende had een tante in Zuid-Afrika die met dezelfde dingen bezig was als ik. Van het een kwam het ander en voordat ik het wist zit ik in Afrika.’  Een ander succesvol Afrikaans project was het ontwikkelen van een training voor organisaties in Malawi die werkten met straatkinderen en jongeren in gevangenissen. Met deze training konden zij die kinderen opleiden tot kleermaker. ‘Via crowdfunding, sponsoring en fondsen had ik voldoende geld opgehaald om drie keer naar Malawi te gaan. Ondertussen zijn er zo’n vijftig jongeren opgeleid, supergaaf.’ 

De hamvraag

Ideeën en plannen te over, aan creativiteit geen gebrek, maar de hamvraag is natuurlijk of Linda van haar cultureel ondernemerschap kan leven. ‘Jazeker kan ik ervan leven. Toen ik in 2010 als zelfstandige begon, heb ik wel de eerste periode parttime als secretaresse gewerkt. Maar heb dat altijd gezien als een stap in het zelfstandig ondernemerschap, je bent verantwoordelijk voor je eigen financiën, je moet uiteindelijk je eigen broek op kunnen houden. Ook toen we Stichting Kopa oprichtten hebben we er bewust voor gekozen om geen structurele subsidie aan te vragen. Zo blijven we geprikkeld om ons eigen ondernemerschap te stimuleren, om steeds nieuwe initiatieven te ontwikkelen.’

Meer weten over Linda Rosink? Kijk dan ook eens op www.kopakan.nl